ECLI:NL:GHARL:2020:10702
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sanctiebeschikking wegens onvoldoende onderbouwing staandehouding volgens artikel 5 Wahv
De betrokkene kreeg een sanctie opgelegd voor het niet gebruiken van het verplichte (brom)fietspad als snorfietser. De sanctie werd opgelegd aan de kentekenhouder zonder dat de bestuurder was staande gehouden. Volgens artikel 5 van Pro de Wahv moet de bestuurder in principe worden staande gehouden tenzij dit niet mogelijk is.
De gemachtigde voerde aan dat de ambtenaren de bestuurder hadden kunnen staande houden, maar dit niet deden. De ambtenaren verklaarden dat staandehouding niet mogelijk was zonder gevaar voor betrokkenen, maar gaven geen concrete feiten of omstandigheden ter onderbouwing.
Het hof oordeelde dat deze verklaring onvoldoende is om te concluderen dat er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was. Gezien de beschikbare informatie, waaronder een krappe winkelstraat en een bredere straat, kon niet worden vastgesteld dat staandehouding gevaarlijk was.
Daarom vernietigde het hof de sanctiebeschikking en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten aan de betrokkene. De beslissing van de kantonrechter werd voor het overige bevestigd.
Uitkomst: De sanctiebeschikking wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van het ontbreken van een reële mogelijkheid tot staandehouding.