Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
BESLISSING
120 (honderdtwintig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door
60 (zestig) dagen hechtenis.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 9 december 2019. De verdachte werd primair en subsidiair vrijgesproken, maar veroordeeld voor het meer subsidiair ten laste gelegde feit van bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.
De advocaat-generaal vorderde vernietiging van het vonnis, vrijspraak van het primair en subsidiair ten laste gelegde, en veroordeling voor het meer subsidiair ten laste gelegde tot een gevangenisstraf van één week, met omzetting van de tenuitvoerlegging in een taakstraf van 120 uren of subsidiair 60 dagen hechtenis. Het hof nam kennis van deze vordering en de verdediging.
Het hof oordeelde dat de politierechter op juiste gronden had geoordeeld en bevestigde het vonnis, behalve voor wat betreft de tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van één maand. Omdat de veroordeelde zich tijdens de proeftijd opnieuw schuldig had gemaakt aan een strafbaar feit, kon de tenuitvoerlegging worden gelast. Gezien het belang van behoud van werk en woning werd echter een taakstraf van 120 uren opgelegd in plaats van detentie.
Het hof vernietigde daarom het vonnis voor zover het de tenuitvoerlegging betrof en deed in dat onderdeel opnieuw recht. Voor het overige werd het vonnis bevestigd.
Uitkomst: Vonnis bevestigd behalve dat tenuitvoerlegging van voorwaardelijke gevangenisstraf is omgezet in een taakstraf van 120 uren.