ECLI:NL:GHARL:2020:10825
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontnemingsvordering met bepaling duur gijzeling
In deze ontnemingszaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het hoger beroep behandeld tegen de beslissing van de politierechter van 14 juni 2019, waarin een betalingsverplichting van €4.243,55 was opgelegd. Het hof heeft het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €1.200 en de betalingsverplichting dienovereenkomstig opgelegd.
De verdediging heeft verzocht om de betalingsverplichting op nihil te stellen vanwege vermeende onvoldoende draagkracht van betrokkene. Het hof heeft dit verweer verworpen omdat geen onderbouwing is gegeven dat betrokkene nu of in de toekomst geen draagkracht heeft. Tevens heeft het hof vastgesteld dat de redelijke termijn is overschreden, maar dit heeft geen gevolgen voor de ontnemingsprocedure omdat de overschrijding reeds in de hoofdzaak is gecompenseerd.
Verder heeft het hof toepassing gegeven aan de gewijzigde wettelijke regeling (Wet USB) die bepaalt dat de duur van de gijzeling die kan worden gevorderd maximaal één dag per volle 25 euro bedraagt, met een maximum van drie jaar. Op basis van het vastgestelde bedrag van €1.200 is de maximale gijzeling vastgesteld op 169 dagen.
Het hof bevestigt de beslissing van de politierechter met deze aanvulling en bepaalt de duur van de gijzeling. De uitspraak is gedaan op 28 december 2020 door de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Bevestiging van ontnemingsvordering van €1.200 met maximale gijzeling van 169 dagen.