Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
- in tegenstelling tot het oordeel van de rechtbank over het onder (eerstelijns) parketnummer 19-810114-111 onder 1 ten laste gelegde, onderdeel [bedrijf 1] , een bewezenverklaring uitspreekt ten aanzien van alle zes ten laste gelegde zeecontainers;
- verdachte zal veroordelen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden met aftrek van de tijd die verdachte heeft doorgebracht in voorarrest, in plaats van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van
Het vonnis waarvan beroep
Subsidiair
[bedrijf 12] op verschillende tijdstippen in of omstreeks de periode van 15 mei 2009 tot en met 22 juni 2009 te [plaats 1] en/of [plaats 3] en/of [plaats 5] , althans in Nederland met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
(Map 3.0)
(Map 4.1 en 4.2)
(Map 4.1 en 4.2)
(Map 5)
verdachte [verdachte] in of omstreeks de periode van 31 maart 2011 tot met 4 april 2011 te [plaats 1] en/of [plaats 6] en/of elders in Nederland, (telkens) opzettelijk (een) bij de Belastingwet voorziene aangifte(n), als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, te weten (een) aangifte(n) voor de inkomstenbelasting over de jaren 2009 en 2010 onjuist en/of onvolledig heeft gedaan, immers heeft die verdachte [verdachte] (telkens) opzettelijk op het bij de Inspecteur der belastingen of de Belastingdienst te [plaats 1] en/of [plaats 6] ingeleverde aangiftebiljet(ten) inkomstenbelasting over genoemd(e) jaar/jaren (telkens) een te laag belastbaar bedrag, althans (telkens) een te laag bedrag aan belasting opgegeven, terwijl dat feit (telkens) ertoe strekte dat te weinig belasting werd geheven;
de rechtsperso(o)n(en) [bedrijf 22] en/of [bedrijf 11] in of omstreeks de periode van 1 mei 2010 tot en met 10 november 2010, althans in of omstreeks de periode van 25 februari 2009 tot en met 10 november 2010 te [plaats 8] , gemeente [plaats 1] , en/of [plaats 7] en/of elders in Nederland, meermalen, althans eenmaal,
hij in of omstreeks de periode van 25 februari 2009 tot en met 31 december 2009, althans in of omstreeks de periode van 25 februari 2009 tot en met 10 november 2010 te [plaats 8] , gemeente [plaats 1] , en/of [plaats 7] en/of elders in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met een of meerdere rechtspers(o)n(en) en/ofnatuurlijke perso(o)n(en), althans alleen,
Subsidiair
de rechtsperso(o)n(en) [bedrijf 22] en/of [bedrijf 11] in of omstreeks de periode van 1 mei 2010 tot en met 8 oktober 2010, althans in of omstreeks de periode van
hij in of omstreeks de periode van 25 februari 2009 tot en met 31 december 2009, althans in of omstreeks de periode van 25 februari 2009 tot en met 8 oktober 2010 te [plaats 8] , gemeente [plaats 1] , en/of [plaats 7] en/of elders in Nederland, meermalen, althans eenmaal,
meer subsidiair
de rechtsperso(o)n(en) [bedrijf 22] en/of [bedrijf 11] in of omstreeks de periode van 1 mei 2010 tot en met 10 november 2010, althans in of omstreeks de periode van
hij in of omstreeks de periode van 25 februari 2009 tot en met 31 december 2009, althans in of omstreeks de periode van 25 februari 2009 tot en met 10 november 2010 te [plaats 8] en/of [plaats 7] en/of elders in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen,
Primair
hij in of omstreeks de periode van 1 oktober 2009 tot en met 31 december 2009, althans in de periode van 1 oktober 2009 tot en met 1 augustus 2010 te [plaats 8] en/of [plaats 9] en/of [plaats 10] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een) vals(e) of vervalst(e) inkooporder, - (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware die/dat geschrift(en) (telkens) echt en onvervalst,
Subsidiair
Primair
Subsidiair
Meer subsidiair
Meest subsidiair
Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie t.a.v. 19/810114-11, feit 5
Ontvankelijkheid van het hoger beroep van verdachte
Partiële vrijspraken hof
Overweging met betrekking tot het bewijs
Bewezenverklaring
[bedrijf 12] op verschillende tijdstippen omstreeks de periode van 15 mei 2009 tot en met 22 juni 2009 in Nederland met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[bedrijf 23] in de periode van 01 januari 2009 tot en met 22 juni 2010 in Nederland, terwijl die rechtspersoon bij vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Assen van 22 juni 2010 (faillissementsnummer F.10/159), in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers, baten niet heeft verantwoord en enig goed aan de boedel heeft onttrokken, immers heeft verdachte
verdachte [verdachte] in de periode van 31 maart 2011 tot met 4 april 2011 te [plaats 1] en/of [plaats 6] , telkens opzettelijk bij de Belastingwet voorziene aangiften, als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, te weten aangiften voor de inkomstenbelasting over de jaren 2009 en 2010 onjuist en/of onvolledig heeft gedaan, immers heeft die verdachte [verdachte] telkens opzettelijk op de bij de Inspecteur der belastingen of de Belastingdienst te [plaats 6] ingeleverde aangiftebiljetten inkomstenbelasting over genoemde jaren telkens een te laag belastbaar bedrag opgegeven, terwijl dat feit telkens ertoe strekte dat te weinig belasting werd geheven;
A.de rechtspersonen [bedrijf 22] en [bedrijf 11] in de periode van 25 februari 2009 tot en met 10 november 2010 in Nederland, meermalen
hij in de periode van 25 februari 2009 tot en met 10 november 2010 in Nederland, meermalen, telkens tezamen en in vereniging met een of meerdere rechtspers(o)n(en) en/ofnatuurlijke perso(o)n(en),
Primair
hij in de periode van 1 oktober 2009 tot en met 1 augustus 2010 in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), meermalen, telkens opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse of vervalste inkooporders, - elk zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware die geschriften telkens echt en onvervalst,
Primair
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf en/of maatregel
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2]
‘Ontvankelijkheid van het hoger beroep van verdachte’, heeft overwogen is verdachte ten aanzien van dit onderdeel niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep, nu de rechtbank verdachte van dit onderdeel heeft vrijgesproken. Gelet op deze beslissing is de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] in hoger beroep niet aan de orde.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
27 (zevenentwintig) maanden.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]
€ 28.786,52 (achtentwintigduizend zevenhonderdzesentachtig euro en tweeënvijftig cent) ter zake van materiële schade.
€ 28.786,52 (achtentwintigduizend zevenhonderdzesentachtig euro en tweeënvijftig cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
178 (honderdachtenzeventig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.