ECLI:NL:GHARL:2020:2747
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over gezag, hoofdverblijf en ondertoezichtstelling bij echtscheiding
In deze civiele zaak staan het gezag, de hoofdverblijfplaats en de zorgregeling van twee minderjarige kinderen centraal na de echtscheiding van hun ouders. De vader en moeder voeren hoger beroep tegen eerdere beslissingen van de rechtbank. De moeder verzoekt om eenhoofdig gezag, terwijl de vader streeft naar een gewijzigde zorgregeling en beëindiging van de ondertoezichtstelling.
Het hof overweegt dat het gezamenlijk gezag in stand blijft omdat er geen onaanvaardbaar risico is dat de kinderen klem raken tussen de ouders. De communicatie tussen de ouders is wel moeizaam, maar het solo parallel ouderschap met een jeugdbeschermer als buffer wordt als passend gezien. De hoofdverblijfplaats blijft bij de moeder, aangezien het goed gaat met de kinderen en er geen reden is tot wijziging.
De zorgregeling wordt gewijzigd: de kinderen verblijven eens in de twee weken van vrijdagmiddag tot zondagmiddag en één woensdagmiddag per twee weken bij de vader, met vakanties gelijk verdeeld. De verlenging van de ondertoezichtstelling wordt bekrachtigd vanwege de bedreiging in de ontwikkeling van de kinderen en de noodzaak van de betrokkenheid van de jeugdbeschermer.
De kosten van het geding worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het hof wijst overige verzoeken af.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag blijft, het hoofdverblijf blijft bij de moeder, de zorgregeling wordt aangepast en de ondertoezichtstelling wordt verlengd.