ECLI:NL:GHARL:2020:358
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging matiging sanctie voor onverzekerd voertuig ondanks betwiste RDW-hindernissen
De betrokkene kreeg een sanctie van €400 opgelegd wegens het niet afsluiten en in stand houden van een verzekering voor haar voertuig. Zij stelde dat de RDW haar belemmerde bij het schorsen van de tenaamstelling, waardoor zij onverzekerd bleef. Uit het dossier bleek echter dat het voertuig op 18 juli 2015 kapot ging, de verzekering op 22 juli 2015 werd beëindigd en de tenaamstelling pas op 10 september 2015 werd geschorst.
De wet verplicht kentekenhouders een verzekering af te sluiten en in stand te houden, tenzij de tenaamstelling is geschorst. Het hof oordeelde dat de door de betrokkene aangevoerde omstandigheden geen bijzondere reden vormden om de sanctie te laten vervallen of verder te matigen. De betrokkene had tijdig contact kunnen opnemen met de RDW of het voertuig verzekerd kunnen houden.
De kantonrechter had de sanctie reeds gematigd tot €200 en het hof bevestigde deze beslissing. Tevens overwoog het hof dat de officier van justitie niet verplicht is op alle argumenten expliciet in te gaan, zolang de motivering voldoende is. Het arrest werd gewezen door mr. Wijma en uitgesproken op een openbare zitting.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de matiging van de boete tot €200 voor het onverzekerd zijn van het voertuig.