ECLI:NL:GHARL:2020:3740
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering dekking inboedelverzekering wegens opzettelijk onjuiste opgave eigendom sieraden
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of verzekerde recht had op vergoeding van schade aan zijn inboedel, inclusief sieraden, na een vermeende inbraak. Verzekerde had een inboedelverzekering bij Achmea en claimde vergoeding van circa €46.780. Achmea weigerde uit te keren omdat zij twijfelde aan het eigendom van de sieraden en de echtheid van de inbraak.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat verzekerde vermoedelijk eigenaar was van de sieraden, maar dat hij niet had bewezen dat er daadwerkelijk een inbraak had plaatsgevonden. In hoger beroep heeft het hof dit oordeel herzien en geoordeeld dat verzekerde niet aannemelijk heeft gemaakt eigenaar te zijn van de sieraden. De door verzekerde geschetste aankoopgeschiedenis via Marktplaats was onwaarschijnlijk en onvoldoende onderbouwd met bewijs zoals e-mails, bankafschriften of namen van verkopers.
Het hof stelde vast dat verzekerde opzettelijk onware opgave had gedaan over het eigendom van de sieraden, waardoor de dekking op grond van de polisvoorwaarden verviel. Ook de overige schade aan de inboedel kwam daardoor niet voor vergoeding in aanmerking. Het hof bekrachtigde de vonnissen van de rechtbank en veroordeelde verzekerde in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Hof wijst vordering verzekerde af wegens onvoldoende bewijs eigendom sieraden en opzettelijk onware opgave.