Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[betrokkene] (hierna: de betrokkene),
Het tussenarrest
Het verdere procesverloop
De beoordeling
“De reden voor mij om een proces-verbaal voor haaientanden op te maken was: Voor ons was het groen en ik ging ervan uit dat de bestuurder welke uit de Van Kempenlandstraat het kruispunt op reed rood had. Dat heb ik niet kunnen waarnemen. Dat was voor mij reden om een proces-verbaal op te maken ter zake ‘geen voorrang verlenen bij haaientanden’.”
direct bijde betreffende verkeerslichten zijn gelegen. Bij verder weg gelegen verkeerstekens is de kans namelijk groot dat het verkeerlicht dat groen licht uitstraalde op het moment dat het werd gepasseerd inmiddels rood licht uitstraalt op het moment dat die verkeerstekens zijn genaderd. Wanneer men deze verkeerstekens dan zou mogen negeren zou dit de verkeersveiligheid ernstig in gevaar kunnen brengen. In het onderhavige geval betekent dit dat het verkeerslicht niet voor gaat boven de haaientanden voor de kruising met de rijbaan. De betrokkene had bij de laatstgenoemde haaientanden dus voorrang moeten verlenen aan bestuurders op de kruisende weg. Uit de verklaring van de ambtenaar blijkt dat de betrokkene dit niet heeft gedaan. Anders dan de gemachtigde is het hof van oordeel dat de ambtenaar zijn waarneming voldoende heeft onderbouwd. Op basis van diens verklaring kan dan ook worden vastgesteld dat de gedraging is verricht.