Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellante],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Saniet ontving van de gemeente een terugvorderingsbeslissing van bijna €12.000 aan onterecht ontvangen Participatiewet-uitkering. De gemeente baseerde dit op drie gronden: een ontvangen schadevergoeding na een verkeersongeval, het inwonen van haar dochter en een periode van elf dagen detentie wegens diefstal. Saniet tekende bezwaar en beroep aan, beide ongegrond, en startte hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB), dat nog loopt.
De rechtbank verlengde de looptijd van de schuldsaneringsregeling tot uiterlijk 22 maart 2022 in afwachting van de CRvB-uitspraak. Saniet ging hiertegen in hoger beroep bij het hof, dat moest beoordelen of verlenging gerechtvaardigd was. Het hof oordeelde dat het verbod van reformatio in peius de beoordeling beperkte tot de verlengingsbeslissing en dat tussentijdse beëindiging of toekenning van een schone lei niet aan de orde was.
Het hof zag geen reden de verlenging te handhaven. De kans dat de CRvB de terugvordering volledig vernietigt achtte het hof gering, mede omdat de terugvordering niet alleen de schadevergoeding betrof, maar ook het inwonen van de dochter en de uitkering tijdens detentie. Daarnaast woog mee dat Saniet twee diefstallen had gepleegd en hiervoor was veroordeeld, wat niet ongedaan gemaakt kan worden tijdens verlenging. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en verwees de afwikkeling van de schuldsaneringsregeling terug naar de rechtbank.
Uitkomst: Het hof vernietigt de verlenging van de schuldsaneringsregeling en verwijst de afwikkeling terug naar de rechtbank.