ECLI:NL:GHARL:2020:4901
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep loondoorbetaling bij geschil over ontslag op staande voet en ontbinding arbeidsovereenkomst
De zaak betreft een hoger beroep van Dehatra B.V. tegen een beschikking van de kantonrechter die haar veroordeelde tot loondoorbetaling aan de werknemer [verweerder] tijdens de procedure over de vernietiging van zijn ontslag op staande voet en de mogelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst.
De werknemer werd op 9 december 2019 op staande voet ontslagen wegens vermeend leugenachtig gedrag en het verzwijgen van activiteiten op de Sneupersmarkt, wat volgens Dehatra het vertrouwen onwaardig zou zijn. De werknemer betwistte dit en verzocht vernietiging van het ontslag. De kantonrechter oordeelde dat het ontslag vooralsnog niet gerechtvaardigd was en bepaalde loondoorbetaling als voorlopige voorziening.
Het hof bevestigt dit oordeel en wijst erop dat er onvoldoende aanwijzingen zijn dat het ontslag rechtsgeldig is. De leugenachtige gedragingen zijn onvoldoende onderbouwd en de medische situatie en beperkingen van de werknemer zijn niet in tegenspraak met de waargenomen activiteiten. Daarom moet Dehatra het loon blijven doorbetalen totdat de kantonrechter definitief beslist over het ontslag en de ontbinding.
Het hoger beroep van Dehatra wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bevestigt dat de werkgever het loon moet doorbetalen totdat de kantonrechter definitief beslist over het ontslag en ontbinding.