ECLI:NL:GHARL:2020:5382
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor hinderlijk parkeren boven ondergrondse afvalcontainer
De betrokkene kreeg een administratieve sanctie van €140 opgelegd wegens het parkeren van zijn voertuig deels boven een ondergrondse afvalcontainer, waardoor het verkeer, in dit geval een vuilniswagen, gehinderd kon worden. De overtreding vond plaats op 23 november 2018 te Eindhoven.
De betrokkene voerde aan dat de situatie ter plaatse onduidelijk was en dat er geen sprake was van daadwerkelijke hinder, omdat de vuilniswagen de container niet hoefde te legen op dat moment. Ook wees hij op het ontbreken van een duidelijk parkeerverbod en de latere plaatsing van een bloembak die parkeren onmogelijk maakte.
Het hof oordeelde dat het parkeren boven de container voldoende was om de hinder vast te stellen, ongeacht of er op dat moment daadwerkelijk hinder ontstond. Het ontbreken van een parkeerverbod was niet relevant, omdat de overtreding bestond uit het veroorzaken van mogelijke hinder. De latere aanpassing van de situatie met een bloembak was eveneens niet doorslaggevend. Het hof bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter die het beroep ongegrond verklaarde.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de boete van €140 voor het hinderen van verkeer door parkeren boven een ondergrondse afvalcontainer.