ECLI:NL:GHARL:2020:5810
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis poging doodslag en poging zware mishandeling met deels voorwaardelijke gevangenisstraf
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 21 juli 2020 het hoger beroep van verdachte behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 17 december 2019. Verdachte werd verdacht van poging tot doodslag (steken met een mes) en poging tot zware mishandeling (gooien met een glazen voorwerp) op hetzelfde slachtoffer. De rechtbank sprak verdachte vrij van een bedreiging, maar veroordeelde hem tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.
In hoger beroep heeft het hof de vordering van de advocaat-generaal deels gehonoreerd door verdachte niet-ontvankelijk te verklaren voor het hoger beroep tegen de vrijspraak van bedreiging. Voor de overige feiten bevestigde het hof het vonnis, met een lichte aanpassing van de straf tot 42 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar en bijzondere voorwaarden.
Het hof voegde aanvullingen toe aan de bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van getuigen en correcties in het letselverslag. Het hof achtte bewezen dat verdachte het slachtoffer met een mes heeft gestoken en met een glazen voorwerp heeft gegooid. De verweren omtrent het ontbreken van opzet werden verworpen. De schadevergoeding aan het slachtoffer werd eveneens bevestigd.
De straf is passend geacht gezien de ernst van de feiten en de omstandigheden van de zaak. Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank en wees het hoger beroep voor zover gericht tegen de vrijspraak af.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling tot 42 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, voor poging tot doodslag en poging tot zware mishandeling.