Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
1.696,32 (duizend zeshonderdzesennegentig euro en tweeëndertig cent).
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin het wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepteelt en diefstal van elektriciteit was vastgesteld op €8.481,60. Betrokkene stelde dat de oogst mislukt was door toprot, maar het hof achtte deze verklaring niet aannemelijk vanwege wisselende verklaringen.
Het hof concludeerde dat betrokkene financieel voordeel had genoten uit de bewezenverklaarde hennepteelt. De advocaat-generaal stelde dat het voordeel verdeeld moest worden over vier personen, maar het hof vond voldoende aanwijzingen dat vijf personen betrokken waren, waaronder betrokkene, drie medeverdachten en een getuige die onherroepelijk veroordeeld was.
Daarom werd het totale wederrechtelijk verkregen voordeel verdeeld over vijf personen, waardoor het bedrag voor betrokkene werd vastgesteld op €1.696,32. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht door deze vaststelling en legde de verplichting tot betaling aan de Staat op dit bedrag.
De duur van de gijzeling die ten hoogste kan worden gevorderd werd vastgesteld op 67 dagen. Het arrest werd gewezen door de meervoudige kamer van het hof op 14 augustus 2020.
Uitkomst: Het wederrechtelijk verkregen voordeel van betrokkene is vastgesteld op €1.696,32 en de verplichting tot betaling aan de Staat opgelegd.