ECLI:NL:GHARL:2020:7762
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie kentekenhouder wegens niet gebruiken rijbaan met stilstaand voertuig
De betrokkene maakte bezwaar tegen een administratieve sanctie van €95,- opgelegd wegens het niet gebruiken van de rijbaan met een stilstaand voertuig op 20 september 2018 in Amsterdam. De kantonrechter vernietigde de beslissing van de officier van justitie wegens schending van de hoorplicht en kende een proceskostenvergoeding toe.
In hoger beroep stelde de gemachtigde dat de sanctie ten onrechte aan de kentekenhouder was opgelegd omdat er een reële mogelijkheid tot staandehouding van de bestuurder zou zijn geweest. Het hof oordeelde dat dit niet aannemelijk was, omdat het geslacht van de betrokkene in het zaakoverzicht afkomstig was van de RDW en niet van de ambtenaar, en het brondocument vermeldde dat er geen bestuurder aanwezig was.
Verder stelde de gemachtigde dat de structurele schending van de hoorplicht aanleiding moest zijn tot matiging van de sanctie en proceskostenvergoeding. Het hof verwierp dit, stellende dat schending van de hoorplicht geen grond is voor matiging van de sanctie volgens artikel 9 Wahv Pro en dat er geen aanleiding was voor proceskostenvergoeding.
Het hof bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter met verbetering van de gronden en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de sanctie van €95,- aan de kentekenhouder en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.