ECLI:NL:GHARL:2020:7980
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing kinderen ondanks schending hoor en wederhoor in coronacrisis
De ouders van twee minderjarige kinderen zijn gehuwd en oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit. De kinderen zijn sinds 2018 bij pleegouders geplaatst. De kinderrechter stelde de kinderen onder toezicht en verleende een machtiging tot uithuisplaatsing, welke in maart 2020 werd verlengd tot 11 juli 2020. De moeder ging in hoger beroep tegen deze verlenging en stelde dat zij niet gehoord was, wat een schending van het hoor en wederhoor principe zou zijn.
Het hof constateerde dat de verlenging zonder mondelinge behandeling was vastgesteld vanwege de coronacrisis en de daarmee samenhangende maatregelen van de overheid en Rechtspraak. Hoewel het beginsel van hoor en wederhoor was geschonden, vond het hof dat dit geen vernietiging rechtvaardigde omdat de verlenging slechts voor een beperkte periode was en de moeder in hoger beroep alsnog haar standpunten kon toelichten.
Het hof oordeelde dat er ernstige zorgen waren over de situatie en opvoeding van de kinderen en dat onvoldoende informatie beschikbaar was om terugplaatsing naar de moeder te rechtvaardigen. De verlenging van de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing was daarom terecht. De bestreden beschikking werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van de kinderen tot 11 juli 2020 ondanks schending van het hoor en wederhoor beginsel.