ECLI:NL:GHARL:2020:8838
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sanctiebesluit wegens onjuiste toepassing artikel 5 Wahv bij staandehouding
De betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd van €230 voor gevaarlijk achteruitrijden zonder het overige verkeer voor te laten gaan. De sanctie werd opgelegd aan de kentekenhouder op grond van artikel 5 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), omdat de ambtenaar de bestuurder niet staande hield.
De gemachtigde voerde in hoger beroep aan dat artikel 5 Wahv Pro niet bedoeld is voor situaties waarin de ambtenaar in privétijd handelde. Het hof oordeelde dat de enkele vermelding dat de ambtenaar in privétijd was onvoldoende is om te concluderen dat er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was. Er kunnen omstandigheden zijn waarbij staandehouding in privétijd niet mogelijk is, maar deze moeten concreet worden toegelicht.
Het hof stelde vast dat niet is bewezen dat er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was. Daarom was de sanctie onterecht aan de kentekenhouder opgelegd. Het hof vernietigde de beslissing van de kantonrechter en de officier van justitie, verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat de zekerheidstelling aan de betrokkene wordt gerestitueerd.
Daarnaast veroordeelde het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene, vastgesteld op €918,75. De overige bezwaren behoefden geen bespreking meer vanwege het vernietigen van de beschikking.
Uitkomst: De sanctiebeschikking aan de kentekenhouder wordt vernietigd wegens onjuiste toepassing van artikel 5 Wahv en het beroep wordt gegrond verklaard.