De betrokkene kreeg een boete van €95,- opgelegd wegens afslaan zonder richting aan te geven op 14 juni 2018 in Gouda. De betrokkene stelde dat de ambtenaar ten onrechte geen staandehouding verrichtte, aangezien deze in burgerkleding op de fiets was en volgens hem wel mogelijkheden waren om de bestuurder te stoppen.
De kantonrechter verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de beslissing van de officier van justitie, maar wees het beroep tegen de inleidende beschikking af. Het gerechtshof bevestigt deze beslissing. Uit de verklaring van de ambtenaar volgt dat staandehouding niet mogelijk was omdat deze fietsend in burgerkleding het rijdende voertuig niet kon bijhouden.
De door de gemachtigde aangedragen scenario's waren onvoldoende concreet om nadere informatie op te vragen. Het hof oordeelt dat de sanctie terecht aan de kentekenhouder is opgelegd, omdat er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was. Ook het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.