Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak stond de verlenging van een ondertoezichtstelling van een minderjarige centraal. De moeder was het niet eens met de verlenging die door de gecertificeerde instelling (GI) was verzocht en ging in hoger beroep. De minderjarige woont bij de moeder en beide ouders hebben gezamenlijk het gezag.
De kinderrechter had de ondertoezichtstelling reeds verlengd tot januari 2022, maar het hof oordeelde dat de wettelijke voorwaarden voor verlenging niet waren vervuld. De moeder werkte goed mee met de hulpverlening, de situatie van de minderjarige was verbeterd en gestabiliseerd, en er was sprake van een goede samenwerking met school en tussen ouders.
Hoewel de traumatherapie van de minderjarige nog niet was afgerond en er nog geen warme overdracht naar de gemeente had plaatsgevonden, vond het hof deze omstandigheden onvoldoende om de ondertoezichtstelling te verlengen. De moeder toonde voldoende vaardigheden en er was vertrouwen in de toekomst. Het hof vernietigde daarom de bestreden beschikking en wees het verzoek tot verlenging af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling af en vernietigt de bestreden beschikking.