De verdachte werd door de politierechter veroordeeld voor meineed gepleegd als beëdigd getuige tijdens een zitting op 6 juni 2017. Hij legde opzettelijk een valse verklaring af, waardoor de waarheidsvinding en het algemeen belang bij een deugdelijke rechtspleging ernstig werden geschaad. Het hof bevestigt de bewezenverklaring maar vernietigt de strafoplegging vanwege gewijzigde proceshouding en persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Tijdens het hoger beroep bood verdachte zijn excuses aan en bekende met terugwerkende kracht de onjuiste verklaring. Tevens speelde mee dat verdachte na het verlies van een vriendin in 2019 een zware periode doormaakte met frequent alcohol- en druggebruik, waarna hij succesvol een afkickkliniek doorliep. Hij is inmiddels samenwonend, werkt als dakdekker en heeft zijn rijbewijs behaald.
Het hof constateerde een overschrijding van de redelijke termijn van 17 maanden in het hoger beroep, wat heeft geleid tot matiging van de straf. Gezien de ernst van het feit zou een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend zijn, maar vanwege de gewijzigde omstandigheden en proceshouding legt het hof een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand op met een proeftijd van 2 jaar, gecombineerd met een taakstraf van 180 uur, subsidiair 90 dagen hechtenis.
De straf dient als stok achter de deur om herhaling te voorkomen. Het vonnis van de politierechter wordt voor het overige bevestigd.