ECLI:NL:GHARL:2021:1412
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid BOA bij handhaving geslotenverklaring verkeersbord niet vastgesteld
De betrokkene kreeg een sanctie opgelegd voor het overtreden van een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen, met het verkeersbord C6. Deze sanctie werd opgelegd door een buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA) in het domein Openbare Ruimte. De betrokkene stelde dat de BOA niet bevoegd was om op te treden omdat handhaving van C-borden alleen is toegestaan als dit verband houdt met de openbare orde.
Het hof onderzocht het verkeersbesluit waarop de geslotenverklaring was gebaseerd en concludeerde dat deze was ingesteld ter verduidelijking van de verkeerssituatie en voor de verkeersveiligheid, zonder verband met de openbare orde. Beleidsregels en een brief van het College van procureurs-generaal bevestigen dat BOA’s alleen mogen handhaven op C-borden in relatie tot de openbare orde.
Omdat de geslotenverklaring niet was ingesteld vanuit het oogpunt van de openbare orde, was de BOA niet bevoegd de sanctie op te leggen. De sanctiebeschikking werd daarom vernietigd. Het hof kende tevens een proceskostenvergoeding toe aan de betrokkene.
Uitkomst: De sanctiebeschikking is vernietigd omdat de BOA niet bevoegd was de geslotenverklaring te handhaven.