Belanghebbende kocht een gebruikte BMW X1 in Duitsland en deed aangifte BPM bij registratie in Nederland. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op wegens een verschil in handelsinkoopwaarde, waarbij discussie ontstond over de aanwezigheid van meer dan normale gebruiksschade.
De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en de naheffingsaanslag verminderd tot €1.263. In hoger beroep stelde belanghebbende dat de auto schade had die leidde tot een waardevermindering, onderbouwd met een taxatierapport en foto's. De Inspecteur betwistte dit en verwees naar een rapport van Domeinen Roerende Zaken (DRZ) dat geen schade aantoonde.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende aannemelijk had gemaakt dat er zichtbare lakbeschadigingen en een afwijkende lakdikte op het dak waren, wat op herstelde schade duidt. Echter, dit rechtvaardigde geen extra waardevermindering boven de normale gebruiksschade die al in de koerslijst is verwerkt. Het interieur was niet aannemelijk in vervuilde staat. Het Hof achtte het rapport van de DRZ betrouwbaar en paste de naheffingsaanslag aan tot €1.129.
Het Hof veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 23 februari 2021.