ECLI:NL:GHARL:2021:2336
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beslissing officier van justitie inzake Wahv-sanctie kentekenhouder
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter die het beroep tegen een sanctie van de officier van justitie ongegrond verklaarde. De sanctie betrof een boete van €140,- opgelegd aan de kentekenhouder wegens het niet gebruiken van de rijbaan op een bepaalde datum en locatie.
Het hof oordeelde dat de officier van justitie niet adequaat op een verweer was ingegaan, wat een motiveringsgebrek opleverde dat niet met toepassing van artikel 6:22 Awb Pro kon worden gepasseerd. Hierdoor was de beslissing onvoldoende gemotiveerd en werd het beroep tegen de officier van justitie gegrond verklaard en diens beslissing vernietigd.
Tegelijkertijd beoordeelde het hof het beroep tegen de inleidende beschikking waarin de sanctie aan de kentekenhouder was opgelegd. Het hof stelde vast dat staandehouding niet mogelijk was omdat het voertuig wegreed en dat de sanctie daarom terecht aan de kentekenhouder was opgelegd. Hoewel in de beschikking niet was gewezen op artikel 8 Wahv Pro, was de betrokkene hierdoor niet in zijn belangen geschaad. Het beroep tegen de inleidende beschikking werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: De beslissing van de officier van justitie wordt vernietigd wegens ondeugdelijke motivering, het beroep tegen de sanctie aan de kentekenhouder wordt ongegrond verklaard.