ECLI:NL:GHARL:2021:2365
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing kantonrechter inzake snelheidsovertreding en proceskostenvergoeding
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter inzake een snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom. De kantonrechter had het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond verklaard en de sanctiebeschikking vernietigd wegens onontvankelijkheid, maar het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond verklaard. De betrokkene voerde onder meer aan dat de gebruikte radarapparatuur niet correct was geijkt en dat de verbalisant niet bevoegd was om de apparatuur te bedienen.
Het hof oordeelde dat de kantonrechter geen bestuursorgaan is en dat de algemene beginselen van behoorlijk bestuur niet op de kantonprocedure van toepassing zijn. Het hof stelde vast dat de betrokkene geen gronden tegen de inleidende beschikking had ingediend tijdens de procedure, waardoor de kantonrechter hier niet op hoefde te reageren. Het hof beoordeelde vervolgens de aangevoerde gronden in hoger beroep en verwierp deze, onder meer omdat geen gerede twijfel bestond over de bevoegdheid van de ambtenaar of de juistheid van de apparatuur en meetgegevens.
Het verzoek om proceskostenvergoeding in hoger beroep werd afgewezen, conform eerdere jurisprudentie. Het hof bevestigde daarmee de beslissing van de kantonrechter en wees het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de beslissing van de kantonrechter en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.