Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de rechtbank Gelderland, waarin hij was veroordeeld voor meermalen ontucht plegen met een meisje van 13 jaar. Het hof bevestigde de bewezenverklaring en vernietigde het vonnis voor wat betreft de strafoplegging en vorderingen tot tenuitvoerlegging, waarna het zelf een straf oplegde.
De verdachte had zich schuldig gemaakt aan ontuchtige handelingen, waaronder seksueel binnendringen, met een minderjarige tussen 12 en 16 jaar. Het hof nam het leeftijdsverschil en het overwicht van verdachte mee in de beoordeling en oordeelde dat hij ernstig inbreuk had gemaakt op de lichamelijke en psychische integriteit van het slachtoffer. De ontucht vond plaats over een relatief korte periode, maar de impact op het slachtoffer werd als ernstig beoordeeld.
Hoewel verdachte in hoger beroep een bekennende verklaring aflegde en spijt betuigde, achtte het hof een deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. De straf werd vastgesteld op 18 maanden, waarvan 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Daarnaast werd een schadevergoeding van € 2.500 toegekend aan het slachtoffer voor immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten.
Verder werd de tenuitvoerlegging gelast van eerdere voorwaardelijke gevangenisstraffen wegens nieuwe strafbare feiten tijdens de proeftijd. Het hof verlengde tevens de proeftijd van een eerdere straf. Het vonnis werd in alle overige onderdelen bevestigd.