Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep, verder te noemen: [verzoeker] ,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft het hoger beroep van [verzoeker] tegen de beschikking van de kantonrechter die zijn verzoek tot opheffing van de curatele heeft afgewezen. [Verzoeker] stelt dat hij sinds juli 2020 gestopt is met cannabisgebruik, schuldenvrij is en voldoende inzicht heeft in zijn financiën, waardoor de noodzaak voor curatele niet meer bestaat.
De curator voert verweer en stelt dat ondanks positieve ontwikkelingen de situatie van [verzoeker] onvoldoende stabiel is. Er is nog steeds verslavingsgevoeligheid zichtbaar door gokuitgaven, en het wegvallen van de steun van zijn partner door haar verhuizing zal de behoefte aan begeleiding vergroten. Ook de aanstaande baanwissel vereist intensieve begeleiding bij contacten met instanties.
Het hof heeft de geneeskundige verklaring van 2011 betrokken bij haar oordeel, waarin werd vastgesteld dat [verzoeker] destijds ernstige problemen had en intensieve begeleiding nodig had. Gelet op de huidige omstandigheden en de noodzaak van voortdurende begeleiding acht het hof de curatele nog steeds noodzakelijk en zinvol.
Daarom bekrachtigt het hof de bestreden beschikking van de kantonrechter en wijst het verzoek tot opheffing van de curatele af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot opheffing van de curatele wegens onvoldoende stabiele situatie.