Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder heeft bij de rechtbank verzocht het vaderschap van de man over haar kind gerechtelijk vast te stellen. De rechtbank stelde het vaderschap vast, maar de man ging hiertegen in hoger beroep. Het hof verwijst naar de eerdere procedure en de stukken, waaronder het advies van de bijzondere curator en de verklaring van de ambulant begeleidster.
De man heeft een ernstig belast verleden met hersenletsel en PTSS, vertoont zorgelijk en agressief gedrag en weigert mee te werken aan DNA-onderzoek. Het hof oordeelt dat het belang van het kind voorop staat en dat vaststelling van het vaderschap in deze situatie waarschijnlijk schadelijk is voor de ontwikkeling van het kind.
Hoewel het kind het recht heeft te weten wie haar vader is, draagt de gerechtelijke vaststelling in deze situatie daar niet aan bij. De moeder kan informatie over de afstamming geven. Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek af, met de mogelijkheid voor het kind om in de toekomst zelf een verzoek in te dienen.
Uitkomst: Het verzoek tot gerechtelijke vaststelling van het vaderschap wordt afgewezen omdat dit niet in het belang van het kind is.