ECLI:NL:GHARL:2021:6839

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
7 juli 2021
Publicatiedatum
15 juli 2021
Zaaknummer
21-004694-19
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38d Regeling identificatie en registratie van dierenArt. 39 Regeling identificatie en registratie van dierenArt. 96 Gezondheids- en welzijnswet voor dierenArt. 1 Gezondheids- en welzijnswet voor dierenArt. 422 Wetboek van Strafvordering
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens niet-naleving registratieplicht schapenhouder

De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een geldboete wegens het niet registreren en houden van schapen die niet volgens de Regeling identificatie en registratie van dieren waren geïdentificeerd. In hoger beroep stelde de verdediging dat verdachte slechts als herder fungeerde en niet op de hoogte was van de registratieverplichtingen. Het hof oordeelde dat verdachte als houder in de zin van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren moest worden aangemerkt, omdat hij de schapen verzorgde en onder zijn hoede had.

Het hof verwierp het verweer van afwezigheid van alle schuld (avas), omdat verdachte op de hoogte was gesteld van zijn verantwoordelijkheden en zijn veronderstelling dat een ander de administratie zou regelen, hem niet ontslaat van zijn eigen verantwoordelijkheid. Hoewel het hof verdachte strafbaar achtte, werd geen straf of maatregel opgelegd vanwege zijn kwetsbare positie, laaggeletterdheid, de ouderdom van de feiten en het feit dat de schapen inmiddels formeel zijn overgedragen en de administratie elders wordt geregeld.

Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht: het bewezenverklaarde werd bevestigd, verdachte werd strafbaar verklaard, maar er werd geen straf opgelegd.

Uitkomst: Verdachte is strafbaar verklaard voor het niet registreren en houden van schapen, maar er is geen straf opgelegd vanwege persoonlijke omstandigheden en ouderdom van de feiten.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-004694-19
Uitspraak d.d.: 7 juli 2021
TEGENSPRAAK
Verkort arrestvan de economische kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 9 september 2019 met parketnummer 84-073669-17 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1960,
wonende te [woonplaats] , [woonadres] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 23 juni 2021 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, die strekt tot veroordeling van verdachte tot een geldboete van € 4500,- waarvan € 3000,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en door zijn raadsvrouw, mr. M.R.M. Schaap, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

De economische politierechter heeft verdachte veroordeeld tot een geldboete van € 4500,- waarvan € 3000,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.
Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen, omdat het tot een andere strafoplegging komt en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:
hij in de periode vanaf 12 april 2016 tot en met 14 juni 2016 te Nijeberkoop, althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
als houder van schapen, al dan niet opzettelijk, 43, althans meerdere, schapen (geregistreerd op de stallijst met het UBN-nummer [nummer] ), te weten onder meer
- een schaap met het registratienummer [nummer1] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer2] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer3] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer4] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer5] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer6] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer7] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer8] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer9] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer10] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer11] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer12] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer13] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer14] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer15] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer16] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer17] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer18] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer19] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer20] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer21] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer22] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer23] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer24] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer25] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer26] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer27] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer28] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer29] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer30] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer31] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer32] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer33] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer34] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer34] (er zijn 2 schapen
aangetroffen met dit oormerk),
- een schaap met het registratienummer [nummer35] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer36] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer37] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer38] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer39] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer40] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer41] ,
- een schaap zonder oormerken,
heeft aangevoerd zonder de minister bij de aanvoer van deze schapen in kennis te stellen van de gegevens, gezien artikel 38d van de Regeling identificatie en registratie van dieren, lid 3, bedoeld in deel D, onderdeel 2, onder a, b, d en e van de bijlage bij verordening 21/2004, alsmede van de identificatiecode van de aangevoerde dieren heeft gehouden, terwijl die schapen niet overeenkomstig de Regeling identificatie en registratie van dieren waren geïdentificeerd en/of geregistreerd.
Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft vrijspraak van het tenlastegelegde bepleit. Zij betoogt dat verdachte slechts als herder van de schapen fungeerde. Verdachte is laaggeletterd en niet op de hoogte van de verplichtingen die een houderschap met zich brengt. De daadwerkelijke eigenaar van de schapen, [naam1] , heeft op naam van verdachte een UBN-nummer aangevraagd, waarop een aantal schapen is geregistreerd. De administratie van de aan- en afgevoerde schapen werd verzorgd door [naam2] , die daartoe door [naam1] was gemachtigd. Verdachte was niet gehouden tot het verrichten van de ingewikkelde handelingen ten aanzien van de registratie van de dieren die hij onder zijn hoede had noch was hij daartoe in staat.
Overwegingen van het hof
Artikel 38d, derde lid, van de Regeling identificatie en registratie van dieren, zoals die luidde ten tijde van het tenlastegelegde feit (hierna: de Regeling), verplicht de houder tot het in kennis stellen van de minister van aangevoerde schapen. Artikel 39 van Pro de Regeling houdt (onder meer) een verbod in op het houden van schapen die niet zijn geïdentificeerd of geregistreerd. Verdachte wordt verweten schapen te hebben aangevoerd zonder daarvan conform de Regeling melding te doen, alsmede die schapen te hebben gehouden zonder dat deze conform de Regeling zijn geïdentificeerd en geregistreerd.
Niet in geding is dat verdachte beschikte over een tweetal UBN-nummers en dat er zich bij een controle op 18 april 2016 schapen op het perceel behorend bij UBN-nummer [nummer] en een aantal andere door verdachte aangewezen percelen bevonden die niet onder dat (of het andere) UBN-nummer waren geregistreerd. Evenmin staat ter discussie dat verdachte zich in de tenlastegelegde periode bezighield met het verzorgen van deze schapen. Verdachte heeft verklaard dat hij de dieren voerde, ze naar weilanden bracht waar ze konden grazen, de dierenarts inschakelde wanneer dat nodig was en bijstand bood bij het lammeren.
Ter beoordeling ligt voor of verdachte, gezien deze werkzaamheden, als houder in de zin van de Regeling moet worden aangemerkt. Naar het oordeel van het hof moet die vraag bevestigend worden beantwoord. In artikel 1, onder 1, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, zoals die luidde ten tijde van het tenlastegelegde, is de ‘houder’ gedefinieerd als: ‘eigenaar, houder of hoeder’. Verdachte verzorgde de dieren en trad daarmee op als hoeder, zodat hij als houder van de schapen moet worden beschouwd. Dat de eigendom van de schapen niet bij verdachte zou berusten, nog daargelaten dat dit uit het dossier niet blijkt, doet aan verdachtes verplichtingen als houder niet af.
Gelet op het voorgaande acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte als houder van de in de tenlastelegging genoemde schapen niet heeft voldaan aan zijn verplichtingen om die schapen bij aanvoer te registreren en dat verdachte in strijd met het verbod daarop ongeregistreerde schapen heeft gehouden.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
hij in de periode vanaf 12 april 2016 tot en met 14 juni 2016 te [plaats] , als houder van schapen, opzettelijk 42 schapen (geregistreerd op de stallijst met het UBN-nummer [nummer] ), te weten onder meer
- een schaap met het registratienummer [nummer1] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer2] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer3] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer4] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer5] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer6] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer7] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer8] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer9] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer10] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer11] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer12] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer13] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer14] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer15] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer16] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer17] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer18] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer19] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer20] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer21] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer22] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer23] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer24] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer25] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer26] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer27] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer28] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer29] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer30] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer31] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer32] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer33] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer34] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer34] (er zijn 2 schapen
aangetroffen met dit oormerk),
- een schaap met het registratienummer [nummer35] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer36] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer37] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer38] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer39] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer40] ,
- een schaap met het registratienummer [nummer41] ,
heeft aangevoerd zonder de minister bij de aanvoer van deze schapen in kennis te stellen van de gegevens, gezien artikel 38d van de Regeling identificatie en registratie van dieren, lid 3, bedoeld in deel D, onderdeel 2, onder a, b, d en e van de bijlage bij Verordening 21/2004, alsmede van de identificatiecode van de aangevoerde dieren, en deze schapen heeft gehouden, terwijl die niet overeenkomstig de Regeling identificatie en registratie van dieren waren geïdentificeerd en/of geregistreerd.
Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
Overtreding van een voorschrift gesteld krachtens artikel 96 van Pro de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat sprake is van afwezigheid van alle schuld. [naam1] en [naam2] hebben misbruik gemaakt van verdachte, feitelijk een katvanger die met zijn liefde voor dieren een gemakkelijke prooi vormde. Verdachte was gezien zijn laaggeletterdheid niet in staat tot het verrichten van de ingewikkelde handelingen ten aanzien van de registratie van de dieren die hij onder zijn hoede had. Hem kan geen enkel verwijt worden gemaakt, zodat ontslag van alle rechtsvervolging behoort te volgen.
Overwegingen van het hof
Wanneer kan worden bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, maar van enige strafrechtelijk relevante schuld geen sprake is, met andere woorden alle verwijtbaarheid ontbreekt, kan de verdachte vanwege afwezigheid van alle schuld niet strafrechtelijk aansprakelijk worden gehouden voor zijn handelen.
Verdachte is na eerder geconstateerde onvolkomenheden in de registratie in 2014 tijdens een bespreking met de NVWA-inspecteur en zijn persoonlijk begeleider aangesproken op zijn verantwoordelijkheden als schapenhouder, inclusief het bijhouden van de identificatie- en registratieregels. Bij verdachte mocht dus bekend worden verondersteld wat zijn verplichtingen inhielden en van hem mocht worden verwacht dat hij zich ervan vergewiste dat daaraan werd voldaan. Verdachtes – achteraf bezien onterechte – veronderstelling dat de administratie adequaat door een ander werd geregeld, ontslaat hem niet van zijn eigen verantwoordelijkheid. Van een situatie waarin iedere strafrechtelijk relevante schuld ontbreekt, is dan ook geen sprake.
Nu ook overigens geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn, is hij een strafbare dader.

Oplegging van straf en of maatregel

Het hof acht het raadzaam te bepalen dat in verband met de persoonlijkheid van de dader geen straf of maatregel zal worden opgelegd. Daarbij neemt het hof in aanmerking dat uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat verdachte een kwetsbare, laaggeletterde persoon is, die kennelijk zonder maatschappelijke begeleiding nauwelijks kan functioneren. Verdachte houdt zich bij wijze van dagbesteding bezig met de verzorging van schapen en ontvangt daarvoor, naast zijn uitkering, een kleine maandelijkse vergoeding van de (huidige) eigenaar van de schapen. Inmiddels zijn de schapen formeel aan laatstgenoemde overgedragen en is de administratie elders geregeld, zodat de kans op herhaling klein moet worden geacht. Gezien deze stand van zaken en daarnaast gelet op de ouderdom van de feiten, is naar het oordeel van het hof met oplegging van een straf geen strafrechtelijk relevant doel meer gediend.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Bepaalt dat ter zake van het bewezenverklaarde geen straf of maatregel wordt opgelegd.
Aldus gewezen door
mr. P.W.J. Sekeris, voorzitter,
mr. E. de Witt en mr. L.G. Wijma, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. J.C. Huizenga, griffier,
en op 7 juli 2021 ter openbare terechtzitting uitgesproken.