Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
De tenlastelegging
Overweging met betrekking tot het bewijs
endat het algemeen belang de tenlastelegging eiste.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor smaad wegens het doen van negatieve uitlatingen aan de media over een uitsmijter van feestcafé [benadeelde partij], die homoseksuele bezoekers de toegang zou hebben geweigerd. Het hof vernietigt dit vonnis en doet opnieuw recht.
De feiten betreffen een incident op 22 januari 2018 waarbij verdachte en medeverdachten de toegang tot het café werd geweigerd. Hoewel niet bewezen is dat dit vanwege hun seksuele geaardheid was, hadden zij het gerechtvaardigde gevoel dat dit zo was. Verdachte en medeverdachten benaderden daarop de media, wat leidde tot publicaties die de goede naam van het café aantastten.
Het hof oordeelt dat het beroep op artikel 10 EVRM Pro (vrijheid van meningsuiting) niet slaagt, omdat de uitlatingen disproportioneel waren en de belangen van het café schaadden. Ook het beroep op artikel 261 lid 3 Sr Pro wordt verworpen omdat er geen noodzaak was het algemeen belang te dienen door direct contact met de media.
Hoewel verdachte strafbaar is wegens smaad, legt het hof geen straf of maatregel op vanwege het goede vertrouwen van verdachte en het ontbreken van eerdere veroordelingen. De vordering tot schadevergoeding van het café wordt niet-ontvankelijk verklaard en moet bij de burgerlijke rechter worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte schuldig aan smaad, maar geen straf opgelegd; schadevergoeding niet-ontvankelijk verklaard.