ECLI:NL:GHARL:2021:7602

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
6 augustus 2021
Publicatiedatum
6 augustus 2021
Zaaknummer
Wahv 200.276.456/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Schuijlenburg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5:6 APV Terneuzen 2015Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging boete wegens langer dan drie dagen parkeren van camper op openbare weg

De betrokkene werd beboet wegens het langer dan drie achtereenvolgende dagen parkeren van een camper op de openbare weg in Terneuzen. De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.

In hoger beroep voerde de gemachtigde van de betrokkene aan dat de kantonrechter niet alle gronden had behandeld, dat de camper nodig was vanwege een beperking en dat de foto’s niet konden bewijzen dat de camper langer dan toegestaan op dezelfde plek stond. Het hof oordeelde dat het verplaatsen van de camper over korte afstand het verbod niet omzeilt en dat de motivering van de kantonrechter toereikend was.

Het hof bevestigde dat het verbod in de APV van Terneuzen geldt voor voertuigen die langer dan drie dagen op de weg staan, ongeacht kleine verplaatsingen. Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen omdat de betrokkene niet in het gelijk werd gesteld. Het arrest werd gewezen door mr. Van Schuijlenburg.

Uitkomst: De boete voor langer dan drie dagen parkeren van de camper op de openbare weg wordt bevestigd en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.276.456/01
CJIB-nummer
: 225318096
Uitspraak d.d.
: 6 augustus 2021
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank
Zeeland-West-Brabant van 11 februari 2020, betreffende

[betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is M.J.M. Bergers (Boete.nu), kantoorhoudende te Maastricht.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is door de betrokkene gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De gemachtigde van de betrokkene heeft het beroep schriftelijk nader toegelicht.
De advocaat-generaal heeft hierop aanvullende stukken overgelegd. Deze zijn (in kopie) gestuurd naar de gemachtigde van de betrokkene, die daar schriftelijk op heeft gereageerd.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 95,- voor: “op een weg een caravan, kampeer-/ aanhangwagen e.d. plaatsen of hebben langer dan de vastgestelde termijn”. Deze gedraging zou zijn verricht op 4 april 2019 om 14:44 uur op de [adres] in Terneuzen met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde voert namens de betrokkene aan dat de kantonrechter niet alle gronden heeft behandeld. Daarnaast heeft de betrokkene de camper nodig voor alledaags gebruik, aangezien de betrokkene een beperking heeft. Tot slot brengt de gemachtigde in reactie op de door de advocaat-generaal overgelegde foto’s naar voren dat de gedraging op basis van die foto’s niet kan worden vastgesteld. Het verwijt dat de betrokkene immers wordt gemaakt is dat de camper langer dan de toegestane termijn voor de deur van de betrokkene heeft gestaan, terwijl uit de op diverse tijdstippen gemaakte foto’s blijkt dat de camper niet steeds op exact dezelfde plaats is blijven staan. Er is ten bewijze daarvan bijvoorbeeld ook geen verf, krijt of graffiti op een band van de camper aangebracht.
3. Het hof begrijpt de gemachtigde aldus dat hij zich op het standpunt stelt dat de beslissing van de kantonrechter lijdt aan een motiveringsgebrek, aangezien de kantonrechter niet op alle gronden is ingegaan die in beroep zijn aangevoerd. Het hof stelt vast dat de gemachtigde - een professioneel rechtsbijstandsverlener - slechts heeft volstaan met deze stelling, zonder aan te geven welk gebrek er kleeft aan de motivering van de beslissing van de kantonrechter. Dit betekent dat deze klacht geen nadere bespreking behoeft en het hof daaraan voorbij zal gaan.
4. De onderhavige gedraging is een overtreding van het bepaalde in artikel 5:6, eerste lid onder a, van de APV van de gemeente Terneuzen 2015, zoals die ten tijde van de gedraging gold.
5. Artikel 5:6 Kampeermiddelen Pro e.a.:
“Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:
a. langer dan op drie achtereenvolgende dagen (binnen de bebouwde kom) op de weg te plaatsen of te hebben, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte of schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.”
6. Naast de in de inleidende beschikking vermelde gegevens, houdt de verklaring van de ambtenaar zoals opgenomen in het zaakoverzicht - onder meer - het volgende in:
“Feitgegevens (….)
Pleegdatum en -tijdstip: 04-04-2019, 14.44 uur
Pleeglocatie: [adres]
Pleegplaats: Terneuzen (….)
Kenteken: [kenteken] (….)
Toelichtingen (….)
Soort weg: een weg, zijnde een voor het openbaar verkeer openstaande weg (….)
Opgaven RDW
Merk van voertuig: Trigano
Type van voertuig: autoroller 2 (….)
Opmerkingen ambtenaar 1:
Met regelmaat ontvangen wij klachten over het stallen van en camper aan de [adres] te Terneuzen.”
7. Daarnaast bevinden zich in het dossier een drietal foto’s. Op die foto’s is te zien dat deze op drie verschillende momenten zijn gemaakt, namelijk op 30 maart 2019 om 09:14 uur, op 1 april 2019 om 11:15 uur en op 2 april 2019 om 18:02 uur. Op de foto’s is steeds voormeld voertuig te zien, geplaatst in een straat, op de openbare weg, naast een stoeprand.
8. Op grond van vorenstaande gegevens kan de gedraging naar het oordeel van het hof worden vastgesteld. Zo met de gemachtigde al zou moeten worden vastgesteld dat uit de foto’s niet onomstotelijk blijkt dat de camper op de verschillende dagen exact op dezelfde plaats staat, doet die omstandigheid voor het vaststellen van de onderhavige gedraging niet ter zake. Het toepasselijke APV-voorschrift bepaalt dat niet, slechts is bepaald dat het niet is toegestaan het voertuig langer dan
opdrie achtereenvolgende dagen
op de wegte plaatsen of te hebben. In dit verband wijst het hof ook op de toelichting op deze bepaling waarin is aangegeven dat handhaving van deze bepaling niet kan worden voorkomen door het steeds een paar meter op de openbare weg verplaatsen van een caravan, aanhangwagentje e.d. Het feit dat de betrokkene stelt de camper in verband met lichamelijk beperkingen nodig te hebben voor alledaags gebruik doet aan het voorgaande niet af. De verweren slagen niet.
9. Nu de betrokkene niet in het gelijk wordt gesteld, zal het verzoek om een proceskostenvergoeding worden afgewezen (vgl. de arresten van het hof van 28 april 2020 en 1 april 2021, vindplaatsen op rechtspraak.nl: ECLI:NL:GHARL:2020:3336 en 2021:1786).
De beslissing
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Pullens als griffier en op een openbare zitting uitgesproken.