ECLI:NL:GHARL:2021:7948
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie voor het niet direct vrijmaken van spoorwegovergang
De betrokkene werd gesanctioneerd voor het oprijden van een spoorwegovergang zonder deze direct vrij te maken, wat plaatsvond op 19 december 2018 te Baarn. De betrokkene stelde in hoger beroep dat de overweg wel vrij was en dat de sanctie onterecht was opgelegd. Haar echtgenoot, bestuurder ten tijde van de overtreding, verklaarde kort achter een voorganger te hebben gereden terwijl de overweg vrij was.
Het hof oordeelt dat het volgen van een voorganger op korte afstand het risico inhoudt dat de overweg niet direct vrijgemaakt kan worden, zeker als de voorganger afremt. Dit is een gedraging in strijd met artikel 15a, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. De betrokkene erkende dat haar echtgenoot kort achter de voorganger reed, waarmee de overtreding vaststaat.
De betrokkene verzocht tevens om seponering wegens termijnoverschrijding, maar het hof stelt vast dat de redelijke termijn van berechting niet is overschreden. De sanctie van €230 is terecht opgelegd en de beslissing van de kantonrechter wordt bevestigd.
Uitkomst: De sanctie van €230 voor het niet direct vrijmaken van de spoorwegovergang wordt bevestigd.