ECLI:NL:GHARL:2021:8962
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sanctiebeschikking wegens onvoldoende onderbouwing afzien staandehouding
De betrokkene kreeg een sanctie van €240 opgelegd voor het niet stoppen voor een rood verkeerslicht op 9 mei 2019 in Haarlem. De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond, maar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden stelde in hoger beroep vast dat de ambtenaren onvoldoende hebben onderbouwd waarom zij niet tot staandehouding zijn overgegaan.
De ambtenaren gaven aan dat zij vanwege 'drukte' en 'andere werkzaamheden' niet konden staande houden, maar deze verklaringen waren vaag en niet toegespitst op de specifieke situatie. Het hof oordeelde dat zonder nadere toelichting niet kan worden vastgesteld dat er geen reële mogelijkheid was om de bestuurder staande te houden.
Daarom werd de sanctiebeschikking vernietigd en het beroep gegrond verklaard. Tevens werd de advocaat-generaal veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene. Dit arrest benadrukt het belang van een concrete en specifieke motivering bij het afzien van staandehouding in het bestuursstrafrecht.
Uitkomst: Sanctiebeschikking vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing afzien van staandehouding.