ECLI:NL:GHARL:2021:9041
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens noodweer bij mishandeling met kopstoot in café
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor mishandeling omdat hij een kopstoot had gegeven aan de benadeelde partij in een café. In hoger beroep stelde de verdachte dat hij handelde uit noodweer, omdat de benadeelde hem bij zijn arm had gepakt en pijn had veroorzaakt.
Het hof onderzocht het bewijs, waaronder verklaringen van verdachte, benadeelde en een getuige, alsmede camerabeelden. Hoewel de beelden de kopstoot zelf niet toonden, vond het hof het aannemelijk dat de benadeelde de pet van verdachte vast had en dat verdachte uit noodweer handelde. Het letsel van verdachte aan zijn arm ondersteunde zijn verhaal van een wederrechtelijke aanranding.
Het hof oordeelde dat het handelen van verdachte proportioneel en subsidiarisch was en dat hij zich niet hoefde te onttrekken aan de aanranding. Daarom verviel de wederrechtelijkheid en werd verdachte vrijgesproken van mishandeling.
De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde werd afgewezen omdat het bewezenverklaarde feit ontbrak. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van mishandeling wegens geslaagd beroep op noodweer.