Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De vrouw, geboren in 1960, kampt met een psychotische stoornis die haar verhindert haar vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen. Zij is eerder strafrechtelijk ontoerekeningsvatbaar verklaard en heeft problematische schulden opgebouwd, waaronder een belastingschuld van circa €250.000 vanwege niet ingediende belastingaangiften.
Haar broer verzocht om bewindvoering over haar goederen, maar de kantonrechter wees dit af. Het hof oordeelt anders en acht bewind noodzakelijk op grond van haar lichamelijke en geestelijke toestand en verkwisting/problematische schulden.
De vrouw is niet verschenen in hoger beroep en voert geen verweer. Het hof benoemt de broer tot bewindvoerder, omdat de vrouw geen partner heeft en er geen gegronde redenen zijn tegen zijn benoeming. De bewindvoering richt zich vooral op de afwikkeling van de echtscheiding en de belastingschulden.
De beschikking van de kantonrechter wordt vernietigd en het bewind wordt ingesteld met onmiddellijke ingang, met inschrijving in het openbaar register.
Uitkomst: Het hof stelt een bewind in over de goederen van de vrouw en benoemt haar broer tot bewindvoerder.