Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.De procedure bij de rechtbank
2.De procedure in hoger beroep
- het beroepsschrift met bijlagen,
- de brief van mr. De Groot van 29 november 2022 met bijlagen,
- en het verweerschrift van de curator met bijlagen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De rechtbank Midden-Nederland verklaarde appellant in staat van faillissement en stelde hem in verzekerde bewaring wegens het niet voldoen aan zijn informatieplicht jegens de curator. De rechtbank verlengde de inbewaringstelling meerdere malen, waarbij appellant zijn verzoeken tot ontslag uit bewaring afwees.
Appellant ging in hoger beroep tegen de verlenging en afwijzing van zijn verzoeken, primair met het verzoek de inbewaringstelling op te heffen en subsidiair om schorsing van de inbewaringstelling onder voorwaarden. Het hof nam kennis van de stukken en hield een mondelinge behandeling.
Het hof oordeelde dat appellant zijn informatieplicht nog onvoldoende nakomt, maar dat schorsing van de inbewaringstelling onder strikte voorwaarden voldoende waarborg biedt voor de belangen van schuldeisers. De voorwaarden omvatten onder meer het verbod om Nederland te verlaten zonder toestemming, volledige medewerking aan de curator, en het verstrekken van uitgebreide informatie over activa, bankrekeningen en werkzaamheden.
Het hoger beroep werd deels gegrond verklaard: de beschikking tot verlenging van 9 november bleef in stand, het beroep tegen de beschikking van 10 november werd gegrond verklaard en de inbewaringstelling werd geschorst onder de overeengekomen voorwaarden. Het hof bepaalde tevens dat partijen uiterlijk 18 januari 2023 de rechter-commissaris kunnen verzoeken de inbewaringstelling of de schorsingsvoorwaarden te herzien.
Uitkomst: De inbewaringstelling van appellant wordt geschorst onder strikte voorwaarden, waarbij het hoger beroep tegen de verlenging van 9 november niet-ontvankelijk wordt verklaard.