ECLI:NL:GHARL:2022:10786
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongegrondverklaring beroep niet stoppen voor rood knipperlicht spoorwegovergang
Betrokkene werd een administratieve sanctie van €240 opgelegd wegens het niet stoppen voor een rood knipperlicht bij een spoorwegovergang op 8 april 2019 te Dordrecht. Betrokkene en zijn gemachtigde stelden dat de overtreding niet kon worden vastgesteld omdat de ambtenaar aan de andere zijde van de overweg stond en geen zicht had op het rode licht aan de zijde van betrokkene.
De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. In hoger beroep bevestigde het gerechtshof deze beslissing. Het hof baseerde zich op technische informatie over het overwegsysteem met automatische halve overwegbomen (AHOB) en de waarnemingen van de ambtenaren die vrij zicht hadden op de overweg en het knipperlicht.
Het hof oordeelde dat de gegevens in het dossier voldoende zijn om de overtreding vast te stellen. De verweren van betrokkene werden weerlegd door de door de advocaat-generaal verstrekte informatie, waaronder een analyse van de positie van de knipperlichten en de werking van het beveiligingssysteem. Het hof concludeerde dat het rode knipperlicht aan de zijde van betrokkene gelijktijdig brandde met het licht aan de zijde van de ambtenaren.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. Het arrest werd gewezen door mr. Wijma en uitgesproken op een openbare zitting.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de beslissing van de kantonrechter en verklaart het beroep ongegrond.