ECLI:NL:GHARL:2022:1450
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep echtscheiding: hoofdverblijfplaats, alimentatie en afwikkeling huwelijkse voorwaarden
Partijen zijn in 2008 gehuwd onder huwelijkse voorwaarden en hebben drie minderjarige kinderen. Na indiening van het echtscheidingsverzoek in 2019 is het huwelijk in 2021 ontbonden. De rechtbank bepaalde het hoofdverblijf van de kinderen bij de vrouw, stelde kinderalimentatie vast en regelde de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden.
De man kwam in hoger beroep met grieven over het hoofdverblijf van een van de kinderen, de hoogte van de alimentatie en de waardering van zijn eenmanszaak en andere vermogensbestanddelen. De vrouw stelde incidenteel hoger beroep in over bankrekeningen en alimentatie.
Het hof oordeelde dat het belang van het kind bij het hoofdverblijf bij de vrouw blijft, wees de verzoeken tot hogere alimentatie af omdat de man onvoldoende behoefte aannemelijk maakte en bepaalde dat de man zich moet inspannen om hogere huurinkomsten te genereren. De waardering van de eenmanszaak bleef ongewijzigd, maar de verrekening van de waarde van het privédeel van het pand werd gecorrigeerd vanwege onvoldoende rekening houden met schulden. Verder werd de waarde van de auto vastgesteld en een aanvullende vergoeding voor orthodontiekosten toegewezen.
De bestreden beschikking werd op onderdelen vernietigd en herzien, met compensatie van proceskosten en afwijzing van overige verzoeken.
Uitkomst: Het hof vernietigde delen van de beschikking over verrekening en waarde van de auto, stelde nieuwe bedragen vast en wees verdere verzoeken af.