Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met producties, ingekomen op 9 september 2021;
- het verweerschrift met één productie, en
- een journaalbericht van mr. mr. Enters van 25 januari 2022 met producties.
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat, en
- een zittingsvertegenwoordiger van de raad voor de kinderbescherming (verder: de raad).
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
- de duur, de regelmatigheid, de omstandigheden en de redenen van het verblijf op het grondgebied van een lidstaat en van de verhuizing van het gezin naar die staat,
- de nationaliteit van het kind,
- de plaats waar en de omstandigheden waaronder het naar school gaat, en
- de talenkennis en de familiale en sociale banden van het kind in die staat.
6.De slotsom
7.De beslissing
- (minimaal) ieder eerste volle weekend per maand, waarbij de vader de ene maand contact heeft op een locatie in Duitsland en de andere maand in Nederland;
- de moeder zorgt voor het brengen en ophalen bij de contacten in Nederland;
- het eerste contact zal een duur van drie uur hebben;
- daarna zal er zeven keer contact plaatsvinden voor de duur van zes uur;
- daarna zal er voor het eerst een overnachting plaatsvinden, waarbij dit contact in Duitsland zal plaatsvinden, en
- vervolgens zal er iedere maand een heel weekend contact zijn;