ECLI:NL:GHARL:2022:2974

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
19 april 2022
Publicatiedatum
19 april 2022
Zaaknummer
Wahv 200.296.682/01 e.a.
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • De Witt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14 WahvArt. 12 WahvArt. 6 EVRM
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens appelverbod bij bestuursstraf snelheidsoverschrijdingen

De betrokkene stelde hoger beroep in tegen beslissingen van de kantonrechter inzake bestuursstraffen voor snelheidsoverschrijdingen, waarbij het hof het beroep niet-ontvankelijk verklaarde. De kantonrechter had de beroepen ongegrond verklaard omdat de sancties onder de €70 lagen en er geen zekerheid was gesteld.

De betrokkene voerde aan dat hij de uitnodiging voor de zitting niet had ontvangen omdat deze bij afwezige buren was bezorgd. Het hof achtte dit ongeloofwaardig, mede omdat de betrokkene eerder hetzelfde argument gebruikte bij een ander adres. De uitnodiging was correct verzonden naar het laatst bekende adres.

Het hof overwoog dat het recht op toegang tot de rechter volgens artikel 6 EVRM Pro niet was geschonden, zodat het appelverbod niet buiten toepassing kon worden gelaten. De betrokkene kon zijn zienswijze op de zitting toelichten, maar verscheen niet.

Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk, waardoor de inhoudelijke bezwaren tegen de sancties niet behandeld konden worden. Wel werd door het CJIB besloten de inning van de sancties in twintig zaken voor de helft te staken vanwege de financiële omstandigheden van de betrokkene, met uitzondering van administratiekosten.

Uitkomst: Het hoger beroep van de betrokkene is niet-ontvankelijk verklaard vanwege het appelverbod en onbetrouwbaarheid van de bezorging van de zittingsuitnodiging.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummers
: Wahv 200.296.682/01 e.a. (zie bijlage)
CJIB-nummers
: 232756588 e.a. (zie bijlage)
Uitspraak d.d.
: 19 april 2022
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissingen van de kantonrechter van de rechtbank
Midden-Nederland van 19 april 2021, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .

De beslissingen van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het bedrag van de te stellen zekerheid op nihil gesteld en de beroepen van de betrokkene tegen de beslissingen van de officier van justitie ongegrond verklaard.

Het verloop van de procedure

De betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissingen van de kantonrechter. Er is daarnaast gevraagd om de zaken op een zitting van het hof te behandelen.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen verweerschriften in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
De zaken zijn behandeld op de zitting van 5 april 2022. De betrokkene is niet verschenen.
De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door [naam1] .

De beoordeling

1. Artikel 14 van Pro de Wahv bepaalt dat in twee situaties hoger beroep kan worden ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter:
- wanneer de sanctie bij de beslissing van de kantonrechter hoger is dan € 70,-
- wanneer de kantonrechter het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat geen (of niet op tijd) zekerheid is gesteld.
2. Van geen van deze situaties is sprake. Het bedrag van de sanctie bedraagt in elk van de onderhavige zaken minder dan € 70,- en de kantonrechter heeft het beroep in al deze zaken ongegrond verklaard.
3. De betrokkene voert aan dat hij de uitnodiging voor de zitting van de kantonrechter niet heeft ontvangen. De uitnodiging was bezorgd bij de buurman en die was een week afwezig.
4. Ter zitting van het hof heeft de vertegenwoordiger van de advocaat-generaal zich op het standpunt gesteld dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is en er geen aanleiding bestaat het appelverbod buiten toepassing te laten wegens schending van het beginsel van hoor en wederhoor door de kantonrechter. De betrokkene heeft hangende de procedure bij de kantonrechter geen adreswijziging doorgegeven. Hij heeft de uitnodiging voor de zitting van de kantonrechter ontvangen en zijn verklaring dat deze bij de buurman is bezorgd die afwezig was, is ongeloofwaardig. De betrokkene heeft hetzelfde namelijk aangevoerd in administratief beroep. Hij woonde toen op een ander adres.
5. In artikel 6 van Pro het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) ligt het recht op toegang tot de rechter besloten. Wanneer een beroep wordt gedaan op schending van dit recht en dit beroep wordt gegrond bevonden, kan het wettelijk appelverbod buiten toepassing worden gelaten. Van een dergelijke schending kan sprake zijn als de kantonrechter degene aan wie de sanctie is opgelegd niet in de gelegenheid heeft gesteld om zijn standpunt op een openbare zitting toe te lichten (vgl. het arrest van het hof van 12 juli 2018, gepubliceerd op rechtspraak.nl met vindplaats ECLI:NL:GHARL:2018:6402).
6. Uit het dossier blijkt het volgende. De betrokkene heeft in de procedure bij de kantonrechter als zijn adres opgegeven [adres1] , [woonplaats] . De aan dat adres gerichte uitnodiging van 22 maart 2021 voor de zitting van de rechtbank op 19 april 2021 is op 12 april 2021 retour ontvangen met op de enveloppe de mededeling “woont hier niet meer.” De griffier van de rechtbank heeft een adresverificatie gedaan en een nieuwe uitnodiging gedateerd 12 april 2021 verzonden aan het adres [adres2] , [woonplaats] . De betrokkene heeft deze brief ontvangen. De betrokkene heeft in een brief die op 18 juni 2020 bij de CVOM is ingekomen geschreven dat hij vandaag van zijn buren de brief heeft ontvangen, die per ongeluk bij hen was bezorgd. Zijn buren waren drie weken niet thuis. Dat post voor de betrokkene tot twee maal toe op twee verschillende adressen van de betrokkene bij zijn buren wordt bezorgd en dat de buren beide keren de gehele relevante periode afwezig zijn, acht het hof niet geloofwaardig. Het hof is daarom van oordeel dat met de uitnodiging van 12 april 2021 is voldaan aan de uit artikel 12, eerste lid, van de Wahv voortvloeiende verplichting om de betrokkene in de gelegenheid te stellen zijn zienswijze op een openbare zitting toe te lichten. Deze klacht faalt derhalve, zodat dit niet leidt tot het buiten toepassing laten van het appelverbod.
7. Gelet op het voorgaande zal het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaren. Dat brengt mee dat het hof de bezwaren van de betrokkene tegen de opgelegde sancties voor de snelheidsoverschrijdingen niet kan behandelen.
8. Ter zitting van het hof heeft de vertegenwoordiger van de advocaat-generaal nog het volgende meegedeeld. De betrokkene verzoekt rekening te houden met zijn financiële omstandigheden en heeft dat verzoek ook onderbouwd. Het betreft snelheidsoverschrijdingen die in de periode van 20 maart 2020 tot en met 9 april 2020 hebben plaatsgevonden en veelal op dezelfde locaties. Navraag bij het CJIB leert dat de betrokkene na 10 april 2020 één nieuwe snelheidsoverschrijding heeft begaan. De vertegenwoordiger van de advocaat-generaal heeft het CJIB daarom opdracht gegeven de inning van de sancties in de onderhavige twintig zaken voor de helft van het bedrag te staken. De administratiekosten dient de betrokkene wel te voldoen.

De beslissing

Het gerechtshof:
verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door mr. De Witt, in tegenwoordigheid van mr. Smeitink als griffier en op een openbare zitting uitgesproken.

Bijlage

Wahv-nummer
CJIB-nummer
Opgelegde bedrag van de sanctie
1
200.296.682
232756588
€ 57
2
200.296.683
233013721
€ 57
3
200.296.684
232678688
€ 50
4
200.296.685
233044582
€ 44
5
200.296.686
232995124
€ 44
6
200.296.687
233014954
€ 31
7
200.296.688
232853586
€ 57
8
200.296.689
232760131
€ 37
9
200.296.691
232932130
€ 44
10
200.296.694
232761247
€ 64
11
200.296.695
232909188
€ 44
12
200.296.697
232734834
€ 31
13
200.296.699
232708722
€ 64
14
200.296.702
232691415
€ 37
15
200.296.704
232783514
€ 37
16
200.296.705
232754810
€ 44
17
200.296.710
232752050
€ 44
18
200.296.713
232754637
€ 50
19
200.296.714
232759705
€ 37
20
200.296.716
232867801
€ 50