ECLI:NL:GHARL:2022:3348
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Beswerda
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing kantonrechter inzake niet tonen rijbewijs op eerste vordering
De betrokkene kreeg een administratieve sanctie van €95 opgelegd wegens het niet op eerste vordering tonen van het rijbewijs op 16 juli 2020 in Amsterdam. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond. De betrokkene stelde in hoger beroep dat het ontbreken van het expliciete wetsartikel in de beschikking zijn verdedigingsbelangen schaadde, verwijzend naar een eerder arrest waarin dit gebrek tot vernietiging leidde.
Het hof overwoog dat artikel 4 van Pro de Wahv vereist dat de beschikking een korte omschrijving van de gedraging en het overtreden voorschrift bevat. Hoewel het overtreden artikel in de beschikking niet werd vermeld, kon de betrokkene dit eenvoudig achterhalen via de feitcode K150C, die verwijst naar artikel 160 lid 1 sub b WVW Pro 1994. Hierdoor was geen sprake van schending van zijn recht om zich adequaat te verweren.
De betrokkene maakte geen gebruik van de gelegenheid om het beroep nader toe te lichten en verscheen niet op de zitting. Het hof oordeelde dat de beslissing van de kantonrechter met verbetering van gronden bevestigd kon worden en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het hof bevestigt de boete van €95 voor het niet tonen van het rijbewijs op eerste vordering en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.