Uitspraak
artikel 533van het Wetboek van Strafvordering van:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellant heeft een verzoek ingediend om vergoeding van schade geleden door verzekering en voorlopige hechtenis in een strafzaak, alsmede vergoeding van kosten voor het indienen van dit verzoek. De rechtbank Gelderland verklaarde dit verzoek niet-ontvankelijk. Appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij het hof Arnhem-Leeuwarden.
In de onderliggende strafzaak werd appellant ontslagen van alle rechtsvervolging en werd een zorgmachtiging verleend voor verplichte zorg in een psychiatrisch ziekenhuis. Appellant verbleef van 15 februari 2020 tot 2 februari 2021 in verzekering. Hoewel het verzoek aanvankelijk ontvankelijk had kunnen worden verklaard, oordeelt het hof dat de zorgmachtiging als een vrijheidsbenemende maatregel moet worden aangemerkt, vergelijkbaar met een maatregel van plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis.
Omdat de maatregel niet is uitgevoerd en er geen straf of maatregel is opgelegd, zijn er volgens het hof geen billijkheidsgronden voor schadevergoeding op grond van artikel 533 Sv Pro. Het hof vernietigt daarom de niet-ontvankelijkverklaring, wijst het verzoek tot vergoeding af, maar kent wel een vergoeding van € 1.020 toe voor de kosten van het opstellen en indienen van het verzoekschrift.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot schadevergoeding af maar kent een vergoeding van € 1.020 toe voor proceskosten.