ECLI:NL:GHARL:2022:4178
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijkheid vervolging jeugdige wegens toepassing Richtlijn Halt
In deze zaak stond het hoger beroep van het openbaar ministerie centraal tegen het vonnis van de kantonrechter die het OM niet-ontvankelijk had verklaard in de vervolging van een minderjarige verdachte die een verkeersovertreding beging waarbij ernstig letsel ontstond.
De advocaat-generaal stelde dat het OM terecht had besloten tot dagvaarding vanwege de ernst van het letsel, en dat van de Richtlijn Halt mocht worden afgeweken. De verdediging betoogde dat het ging om een licht delict en dat de Richtlijn strikt gevolgd moest worden, waarbij een gang naar de rechter uitgesloten moest worden.
Het hof oordeelde dat de overtreding van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 een licht delict betreft, mede gelet op de leeftijd van de verdachte, zijn status als first offender en het ontbreken van achterliggende problematiek. Het hof vond de ernst van het letsel onvoldoende om van de Richtlijn af te wijken, mede omdat niet vaststaat dat het letsel uitsluitend door de gedraging van verdachte is veroorzaakt.
Daarom bevestigde het hof het vonnis van de kantonrechter en verklaarde het OM niet-ontvankelijk in de vervolging.
Uitkomst: Het hof verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging en bevestigt het vonnis van de kantonrechter.