ECLI:NL:GHARL:2022:4298
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie: draagkracht vrouw en ingangsdatum wijziging alimentatie
Partijen zijn voormalige partners met twee minderjarige kinderen uit hun relatie. De man en vrouw zijn in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank over kinderalimentatie en reiskosten.
De vrouw gaf onvoldoende inzicht in haar financiële situatie, waardoor het hof aannam dat zij draagkracht heeft om in ieder geval de helft van de behoefte van het kind te voorzien. De man had verzocht om een bijdrage van € 150 per maand van de vrouw voor de kosten van verzorging en opvoeding van het kind, wat het hof als bovengrens aanhield.
Het hof stelde de ingangsdatum van de wijziging van de kinderalimentatie voor het oudste kind vast op 1 september 2019, omdat het kind toen grotendeels bij de man woonde en de vrouw geen kosten meer hoefde te maken. De vrouw werd veroordeeld tot betaling van een bijdrage voor het jongste kind vanaf 22 mei 2020, maar de veroordeling tot betaling van reiskosten voor het jongste kind werd vernietigd wegens gebrek aan rechtsgrond.
De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd vanwege de relatie tussen partijen en het onderwerp van de procedure. Het hof wees het meer of anders verzochte af.
Uitkomst: Het hof bevestigt de draagkracht van de vrouw voor kinderalimentatie en stelt de ingangsdatum van wijziging alimentatie voor het oudste kind vast op 1 september 2019.