Uitspraak
Biks,
Super Car Sunday,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Biks Beheer en Super Car Sunday werkten samen voor de organisatie van de International Amsterdam Motorshow (IAMS) 2019, waarbij Biks acquisitiewerk verrichtte dat door Super Car Sunday werd betaald. In september 2019 factureerde Biks acquisitiewerk voor de IAMS 2020, maar deze factuur bleef onbetaald. De kantonrechter wees de vordering van Biks af wegens onvoldoende bewijs van een overeenkomst van opdracht.
In hoger beroep stelde Biks dat zij vanaf maart 2019 opdracht had gekregen om acquisitie te verrichten voor de IAMS 2020, wat werd bevestigd door een verklaring van een voormalig bestuurder van Super Car Sunday. Het hof oordeelde dat er wel degelijk een overeenkomst van opdracht bestond, maar dat onduidelijk bleef welke werkzaamheden Biks precies had verricht. Daarom werd Biks toegestaan om dit nader toe te lichten.
Super Car Sunday voerde verweer dat Biks twee heren zou hebben gediend en daardoor geen recht op loon zou hebben, verwijzend naar art. 7:417 en Pro 7:418 BW. Het hof verwierp deze verweren omdat Super Car Sunday onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat Biks ook als lasthebber van derden had opgetreden of een verborgen eigen belang had. De zaak is verwezen naar een nieuwe roldatum voor nadere onderbouwing door Biks.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat een overeenkomst van opdracht bestond en stelt Biks in de gelegenheid om nader te onderbouwen welke werkzaamheden zijn verricht.