ECLI:NL:GHARL:2022:4719

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
8 juni 2022
Publicatiedatum
8 juni 2022
Zaaknummer
Wahv 200.292.874/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Schuijlenburg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging ongegrondverklaring beroep tegen sanctie parkeren buiten vakken

De betrokkene kreeg een sanctie van €95 opgelegd wegens parkeren buiten de aangegeven parkeervakken op het Res Novaplein in Heemstede. De betrokkene voerde aan dat de parkeervakken te smal waren om binnen de lijnen te parkeren en dat dit niet aan haar te wijten was.

De gemachtigde verwees naar NEN-normen en onderzoek van TU Delft waaruit bleek dat de vakken smaller waren dan de norm, waardoor parkeren binnen de vakken niet mogelijk zou zijn zonder uitstapruimte te belemmeren. De betrokkene erkende dat het voertuig over twee vakken stond.

Het hof oordeelde dat de NEN-normen alleen richtinggevend zijn voor de wegbeheerder en dat de betrokkene hier geen rechten aan kan ontlenen. De breedte van het voertuig maakte het mogelijk binnen een vak te parkeren. Indien andere auto's zodanig stonden dat dit niet mogelijk was, had de betrokkene elders moeten parkeren.

Daarom bevestigde het hof het vonnis van de kantonrechter dat het beroep ongegrond is en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de sanctie van €95 voor parkeren buiten de vakken en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.292.874/01
CJIB-nummer
: 228401076
Uitspraak d.d.
: 8 juni 2022
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank NoordHolland van 21 januari 2021, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is mr. M. Lagas, kantoorhoudende te Amsterdam.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 95,- voor: “parkeren op parkeergelegenheid op andere dan aangegeven wijze”. Deze gedraging zou zijn verricht op 8 juli 2019 om 15:41 uur op het Res Novaplein in Heemstede met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde van de betrokkene voert, onder verwijzing naar diverse afbeeldingen van Google Maps Streetview, aan dat de parkeervakken ter plaatse dermate klein zijn dat er niet genoeg ruimte is voor hetzelfde aantal voertuigen als parkeervakken. Volgens de NEN-norm dient bij haaks parkeren een parkeervak minimaal 2,40 meter breed te zijn. Er is onderzoek gedaan (TU Delft Open CourseWare) naar de ruimte die nodig is voor haakse parkeervakken: “Voor haaksparkeren zijn parkeervakken van 2,4 à 2,5 meter breed nodig. Naast ruimte voor de auto zelf van doorgaans 1,8 meter is er ruimte nodig voor het in- en uitstappen.” In dit geval zijn de parkeervakken, de grijze vlakken, iets minder dan 1,80 meter breed. Een andere auto kan wel parkeren tussen de vakken, maar dan kan men niet meer uitstappen. De omstandigheden van het geval rechtvaardigen dan ook niet het opleggen van een sanctie. De gevolgen van de keuze van de wegbeheerder voor het creëren van parkeervakken die 60 centimeter smaller zijn dan de NEN-norm, kunnen niet voor rekening van de betrokkene komen.
3. De gemachtigde erkent dat met het voertuig gebruik werd gemaakt van twee parkeervakken. De parkeervakken worden aangegeven met een met grijze klinkers bestraat vlak met daarin een tegel met een P. Tussen twee grijze vlakken bevindt zich een aantal rijen smalle gele klinkers. Dat de gedraging is verricht staat dan ook vast. Gelet op hetgeen is aangevoerd dient het hof te beoordelen of er redenen zijn een sanctie achterwege te laten.
4. Naar het oordeel van het hof is niet gebleken van dergelijke redenen. Het hof stelt voorop dat de NEN-normen zich slechts richten tot de wegbeheerder en dat een individuele weggebruiker hieraan op zichzelf geen rechten kan ontlenen. Dat de parkeervakken te smal zijn om binnen te vakken te kunnen parkeren is niet gebleken. Dat de grijze vlakken 1,80 meter zijn is hiervoor onvoldoende. Daarbij betrekt het hof dat de breedte van het voertuig van de betrokkene 1,68 meter is. Indien andere voertuigen zodanig waren opgesteld dat de betrokkene haar voertuig niet meer binnen de begrenzing van een parkeervak kon parkeren, had het op de weg van de betrokkene gelegen haar voertuig elders te parkeren waar dat wel was toegestaan.
5. Gelet op het voorgaande heeft de kantonrechter het beroep terecht ongegrond verklaard. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter daarom bevestigen.
6. Nu de betrokkene niet in het gelijk wordt gesteld, zal het verzoek om een proceskostenvergoeding worden afgewezen.

De beslissing

Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Van der Zee-Venema als griffier en op een openbare zitting uitgesproken.