ECLI:NL:GHARL:2022:5787
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling proceskostenvergoeding bij beroepsmatige rechtsbijstand door stagiair
De betrokkene maakte bezwaar tegen een administratieve sanctie wegens het stilstaan van een voertuig op een voetgangersoversteekplaats. De kantonrechter wijzigde de feitcode en het sanctiebedrag en kende een proceskostenvergoeding toe van € 500,63.
In hoger beroep werd het beroep tegen de sanctie grotendeels verworpen, waarbij het hof oordeelde dat de gedraging was verricht en onvoldoende is onderbouwd waarom de sanctie zou moeten worden gematigd of achterwege blijven. Het hoger beroep richtte zich tevens op de toegekende proceskostenvergoeding.
Het hof overwoog dat een stagiair die geen relevante juridische scholing heeft genoten, geen beroepsmatige rechtsbijstand verleent die voor vergoeding in aanmerking komt. De betrokkene had een stagiair namens zich laten verschijnen, maar deze had slechts een inschrijving voor HBO-Rechten zonder bewijs van relevante studievoortgang of dat het verlenen van rechtsbijstand een duurzame, op inkomen gerichte taak was.
Daarom werd het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen en de beslissing van de kantonrechter bevestigd.
Uitkomst: Het gerechtshof wees het verzoek om proceskostenvergoeding af en bevestigde de sanctie.