ECLI:NL:GHARL:2022:6660

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
1 augustus 2022
Publicatiedatum
1 augustus 2022
Zaaknummer
Wahv 200.297.544/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Wijma
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 11 WahvBesluit proceskosten bestuursrecht, artikel 2 lid 3
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging sanctiebeschikking wegens onvoldoende bewijs aanwezigheid parkeervergunningsbord

De betrokkene kreeg een sanctie van €95 opgelegd voor parkeren zonder vergunning op een vergunninghoudersplaats. De betrokkene voerde aan dat er geen bord E9 aanwezig was op de route die hij volgde. De ambtenaar baseerde zijn verklaring op navraag bij een collega en niet op eigen waarneming.

Het hof oordeelde dat de verklaring van de collega onvoldoende bewijs vormt voor de aanwezigheid van het bord ten tijde van de overtreding. Ook de ongedateerde foto’s en Google Maps-beelden van ruim anderhalf jaar later konden dit niet bevestigen. Het hof volgde het standpunt dat de aanwezigheid van een bord op de toegangsweg moet worden vastgesteld op het moment van de gedraging.

Daarom vernietigde het hof de sanctiebeschikking en de beslissing van de kantonrechter en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene. De betrokkene hoeft de sanctie niet te betalen.

Uitkomst: De sanctiebeschikking wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van aanwezigheid van het bord E9 ten tijde van de overtreding.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.297.544/01
CJIB-nummer
: 232000508
Uitspraak d.d.
: 1 augustus 2022
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Limburg van 3 juni 2021, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is M.J.M. Bergers, kantoorhoudende te Maastricht.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard en het verzoek om een proceskostenvergoeding afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. De advocaat-generaal heeft wel een aanvullend proces-verbaal overgelegd. Deze is (in kopie) gestuurd naar de gemachtigde van de betrokkene, die daar schriftelijk op heeft gereageerd.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 95,- voor: “parkeren op parkeerplaats vergunningshouders (bord E9) zonder vergunning voor dat voertuig”. Deze gedraging zou zijn verricht op 4 februari 2020 om 10:27 uur op de Valkstraat in Sittard met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde voert aan dat de gedraging niet is verricht. De betrokkene is via de Tunnelstraat de Lupinestraat in gereden. Hij heeft de tweede afslag naar de Vlakstraat genomen. Bij die afslag stond ten tijde van de gedraging geen bord E9. Op de zitting van de kantonrechter is uitvoerig onderbouwd waarom in dit geval niet kan worden uitgegaan van de verklaring van de ambtenaar in het zaakoverzicht. De ambtenaar verklaart namelijk dat de Valkstraat geheel gelegen is in een vergunninghouderzone aangeduid met bord E9, maar uit het Verkeersbesluit van de gemeente Sittard-Geleen blijkt dat in een deel van de Valkstraat sprake is van een parkeerverbod en in een ander deel van een vergunninghouderzone. De ambtenaar is kennelijk niet op de hoogte van de verkeerssituatie ter plaatse. De ambtenaar heeft niet gecontroleerd of er borden E9 waren geplaatst op de door de betrokkene gevolgde rijroute. Uit beelden van Google Maps uit juni 2018 blijkt dat er op dat moment ook geen bord E9 stond bij de tweede afslag naar de Valkstraat.
In reactie op het aanvullend proces-verbaal voert de gemachtigde nog aan dat hieruit blijkt dat de verklaring in het zaakoverzicht onjuist is. De omstandigheid dat de ambtenaar navraag heeft moeten doen bij een collega impliceert al dat hij zelf niet heeft gecontroleerd of er op dat moment een bord E9 was geplaatst. Dat er op 17 december 2019 een bord E9 zou zijn geplaatst, zegt bovendien niets over de situatie ten tijde van de gedraging. De gemachtigde wijst in dit kader op het arrest van het hof onder nummer ECLI:NL:GHARL:2020:1803. De bij het proces-verbaal gevoegde foto’s zijn ongedateerd en het screenshot van Google Maps dateert van ruim anderhalf jaar na de gedraging.
3. In het dossier bevindt zich een aanvullend proces-verbaal van 24 april 2020, waarin de ambtenaar onder meer verklaart:
“Het voertuig stond geparkeerd in de Valkstraat te Sittard in de gemeente Sittard-Geleen. De Valkstraat is in zijn geheel gelegen in een vergunninghouderzone. Het voertuig van verweerder stond ten tijde van het uitschrijven van de beschikking geparkeerd op een vergunninghoudersplaats aangegeven door bebording (E9). (…)Betrokkene verklaart dat er geen bord aanwezig was, dit klopt daar betrokkene zich al in de zone bevond. De bebording bij de toegangswegen welke leiden naar de Valkstraat zijn duidelijk aanwezig.”
4. De advocaat-generaal heeft een aanvullend proces-verbaal 5 november 2021 overgelegd. Hierin verklaart de ambtenaar onder meer:
“Volgens appellant stond er geen bord ten tijde van de overtreding. Navraag bij een collega welke ook een bezwaar heeft gehad, wees uit dat er al een bord E09 stond per 17-12-2019. Appellant heeft het over het feit dat niet de gehele Valkstraat voor vergunninghouders is, dit klopt echter het parkeerverbod begint pas na het eind bord vergunninghouders. Dus men rijdt het parkeervergunning gebied uit en pas daarna begint het parkeerverbod, zie foto drie. Op de bijgevoegde foto’s ziet men de situatie ter plaatse.”
5. Bij het proces-verbaal van 5 november 2021 bevindt zich een kaartje waarop de zone E09 is ingetekend, alsmede de plaats waar het voertuig van de betrokkene stond. Voorts bevinden zich hierbij 6 ongedateerde foto’s van de situatie ter plaatse waarop de door de betrokkene gereden route en de bebording is aangetekend. Daarnaast is er een uitdraai bijgevoegd van Google Maps, Street View, waarop is te zien dat in september 2021 een bord E9 stond bij de tweede afslag naar de Valkstraat.
6. In het door de gemachtigde aangehaalde arrest van 28 februari 2020 (ECLI:NL:GHARL:2020:1803) heeft het hof overwogen dat het bij een parkeerverbodszone niet noodzakelijk is dat op alle toegangswegen waarlangs de zone kan worden bereikt de aanwezigheid van de bebording is vastgesteld. Voldoende is dat de toegangsweg waarlangs de bestuurder van het voertuig de zone is ingereden, van een deugdelijk bord is voorzien. Dit geldt ook voor een parkeervergunningszone. Dit uitgangspunt brengt mee dat een betrokkene die stelt dat deugdelijke bebording ontbrak, moet aangeven welke route de bestuurder heeft afgelegd om zijn bestemming te bereiken (vgl. het arrest van het hof van 9 mei 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:4055). Vervolgens zal uit (nadere) stukken moeten blijken dat op de gevolgde toegangsweg:
  • a) op enig moment vóór de vermeende gedraging een bord is geplaatst;
  • b) op enig moment ná de vermeende gedraging dat bord nog aanwezig was en
  • c) na verificatie van daarvoor beschikbare bronnen is gebleken dat dit bord in de tussentijd niet is verwijderd of vervangen.
7. Hetgeen in het aanvullend proces-verbaal staat opgenomen over de bebording op de pleeglocatie betreft geen waarneming van de ambtenaar van de aanwezigheid van de bebording ten tijde van de gedraging. De omstandigheid dat een niet nader genoemde collega van de ambtenaar zou hebben verklaard dat ter plaatse in december 2019 een bord E9 zou zijn geplaatst, acht het hof niet afdoende om aan te tonen dat op enig moment voor de gedraging een bord E9 is geplaatst. Uit de bij het proces-verbaal gevoegde ongedateerde foto’s valt dit ook niet af te leiden.
Uit de foto afkomstig van Google Maps, Street View, blijkt slechts dat in september 2021, ruim anderhalf jaar na de gedraging, een bord E9 op de door de betrokkene gereden route aanwezig was. Naar het oordeel van het hof blijkt daarom uit het dossier onvoldoende dat ten tijde van de gedraging door middel van een zonebord E9 was aangegeven dat ter plaatse sprake was van een vergunninghouderzone. Gelet hierop kan niet worden vastgesteld dat de gedraging is verricht. De inleidende beschikking kan daarom niet in stand blijven.
8. De proceskosten komen voor vergoeding in aanmerking. Aan het indienen van het administratief beroepschrift, het beroepschrift bij de kantonrechter, het verschijnen ter zitting van de kantonrechter, het hoger beroepschrift en de nadere toelichting, dienen in totaal 4,5 punten te worden toegekend. Het hof zal, met toepassing van artikel 2, derde lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht, voor het telefonisch horen in administratief beroep een half punt toekennen. De waarde per punt bedraagt voor het administratief beroep € 541,- en voor het (hoger) beroep € 759,-. Gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toegepast.
Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 1.734,-
(= 1,5 x € 541,- x 0,5 + 3,5 x € 759,- x 0,5).

De beslissing

Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
verklaart het beroep gegrond;
vernietigt de beslissing van de officier van justitie, alsmede de beschikking waarbij onder voormeld CJIB-nummer de administratieve sanctie is opgelegd;
bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van artikel 11 van Pro de Wahv tot zekerheid is gesteld door de advocaat-generaal wordt gerestitueerd;
veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene tot een bedrag van € 1.734,-.
Dit arrest is gewezen door mr. Wijma, in tegenwoordigheid van mr. Landstra als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.