Uitspraak
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep
- de memorie van grieven
- de memorie van antwoord
- het verzoek om arrest.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellant had een zorgverzekering bij Univé en was in juli 2010 aangemeld als wanbetaler vanwege een premieschuld van meer dan zes maanden. Hierdoor werd zij gehouden bestuursrechtelijke premies aan het CAK te betalen. In hoger beroep stond centraal of appellant in mei 2015 de volledige achterstand aan Univé had voldaan en dus als wanbetaler had moeten worden afgemeld.
Appellant stelde dat zij in mei 2015 meer had betaald dan verschuldigd en vorderde een schadevergoeding van €10.138,72. Univé betwistte dit en leverde een eigen overzicht van betalingen. Het hof oordeelde dat het door appellant overgelegde overzicht onvoldoende onderbouwing bood, mede omdat het geen onderscheid maakte tussen betalingen aan Univé en aan het CAK. Tevens bleek uit het overzicht van Univé dat pas in juni 2015 de achterstallige premies werden voldaan.
Het hof wees de stelling van appellant af dat zij na aanmelding als wanbetaler alleen aan het CAK hoefde te betalen. Betalingen aan het CAK betroffen bestuursrechtelijke premies en niet de oorspronkelijke premieschuld aan Univé. Appellant had onvoldoende feiten gesteld waaruit bleek dat Univé haar op dit punt had misleid. Het bewijsaanbod van appellant werd niet gehonoreerd wegens gebrek aan onderbouwing. Het hoger beroep werd verworpen en appellant werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de vorderingen van appellant worden afgewezen.