De moeder verzocht om herstel van haar ouderlijk gezag over haar minderjarige zoon, nadat dit eerder was ontheven en de voogdij was toegewezen aan een gecertificeerde instelling. De rechtbank wees dit verzoek af, waarna de moeder in hoger beroep ging met vijf grieven gericht op haar zoon.
Het hof constateerde dat de zoon een ontwikkelingsachterstand heeft en risicovol gedrag vertoont, en dat de situatie in het gezinshuis zorgelijk is. De moeder heeft ondanks haar ziekte een stabiele gezondheid en toont mogelijkheden om voor haar zoon te zorgen. Het hof vond eerdere bezwaren tegen haar opvoedcapaciteiten onvoldoende overtuigend.
Vanwege onvoldoende informatie over het belang en de haalbaarheid van herstel van het gezag gelast het hof een raadsonderzoek. Dit onderzoek moet onder meer beoordelen of herstel in het belang van de zoon is en welke ondersteuning nodig is. Het hof houdt de beslissing aan en dringt aan op spoed vanwege de zorgelijke signalen rondom de zoon.