Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
Noord-Holland van 15 september 2020, betreffende
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene kreeg een sanctie van €140 opgelegd voor het overtreden van een geslotenverklaring op 9 oktober 2018 op De Binding in Koog aan de Zaan. De betrokkene voerde aan dat het bord niet op de foto stond en dat de vereiste maandelijkse schouw niet was uitgevoerd, zoals voorgeschreven in het beleidskader.
Het hof constateerde dat het dossier een schouwrapport van 30 september 2018 bevatte waarin de bebording correct werd bevestigd, maar het aanvullende proces-verbaal van 31 oktober 2018 geen schouwrapport was. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat er een maandelijkse schouw had plaatsgevonden.
Op basis hiervan vernietigde het hof de beslissing van de kantonrechter en de sanctiebeschikking van de officier van justitie. Tevens werd de door de betrokkene gestelde zekerheid gerestitueerd en werd de advocaat-generaal veroordeeld tot het betalen van proceskosten van €1.164,75.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt de sanctiebeslissing wegens het ontbreken van bewijs van maandelijkse schouw en veroordeelt de advocaat-generaal tot het betalen van proceskosten.