Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekers in hoger beroep,
1. Het geding in eerste aanleg
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze civiele zaak betreft het hoger beroep van pleegouders tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland die toestemming gaf aan de gecertificeerde instelling (GI) om de verblijfplaats van twee pleegkinderen te wijzigen naar een gezinshuis.
De pleegouders betoogden dat hun blokkaderecht op grond van artikel 1:366a lid 1 BW niet ten volle kon worden uitgeoefend omdat de kinderen al waren overgeplaatst voordat het verzoek tot wijziging werd ingediend. Zij stelden dat de rechtbank buiten de wet was getreden door de wijziging te rechtvaardigen zonder dat deze noodzakelijk was in het belang van de kinderen.
De GI voerde verweer en stelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege het appelverbod in artikel 807 Rv Pro. Het hof oordeelde dat de rechtbank niet buiten het toepassingsgebied van artikel 1:366a BW was getreden en dat geen sprake was van vormverzuim of andere gronden om het appelverbod te doorbreken.
Daarmee verklaarde het hof het hoger beroep van de pleegouders niet-ontvankelijk en kwam het niet toe aan inhoudelijke behandeling van het geschil over de verblijfplaats van de kinderen.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de pleegouders niet-ontvankelijk vanwege het appelverbod en behandelt de zaak niet inhoudelijk.